Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Date

Door Liesbeth Konink

‘Ik heb twee kinderen’ zei ze terwijl ze me een natte hand gaf. Doornat was ze, mascara zat in zwarte vegen op haar wangen en haar haar plakte sliertig op haar hoofd.
‘O’, zei ik, ‘wil je je eerst een beetje afdrogen?’ Ze draaide zich abrupt om en marcheerde weg. Ik liep haar achterna, ging ze nou gelijk weer weg? Maar nee, ze dook het toilet in, de deur iets te hard achter zich dicht trekkend.
Ik ging maar weer terug naar het tafeltje waar ik al een half uur quasi nonchalant had zitten wachten. Drie maanden zat ik nu op een datingsite en dit was mijn eerste live date. De manier waarop Katinka haar beschrijving had verwoord, viel me gelijk op. Niet eens zozeer de inhoud, maar meer de manier waarop het geschreven was. Nogal staccato, alsof ze eigenlijk geen tijd had voor dat soort onzin en deze fase maar liever wilde overslaan.
In wat ze had opgesomd, vond ik raakvlakken. We hadden dezelfde boeken gelezen, onze muzieksmaak kwam niet overeen -maar ja, wie hield er nou van free jazz behalve ik- en in haar filmsmaak kon ik me goed vinden. Ze verwachtte ook al geen avonden met glazen wijn op de bank. Haar foto liet een aantrekkelijk, breed lachend gezicht zien met verwaaid haar en de zee op de achtergrond. Ik had nog een weekje gewacht of mijn vele bezoekjes aan haar profiel een contactverzoek zouden uitlokken. Toen dat uitbleef, had ik schoorvoetend de 25 euro betaald waardoor ik haar kon benaderen. Ze reageerde niet meteen. Na een week om de vijf minuten te hebben gecheckt of ze al gereageerd had, klonk ineens de verlossende ping van nieuwe mail. De toon van haar korte bericht was dezelfde als die van haar beschrijving. Ze kwam maar gelijk ter zake: ze hield niet van lang mailen. Het ging uiteindelijk om de beruchte klik en die moest maar direct worden getest. Of ik volgende week vrijdagavond om 20.30 u in Café De Unie kon zijn. ‘Right’ dacht ik. Het viel nog mee dat er geen tijdslot genoemd werd met de namen van de andere kandidaten erbij.
En nu zat ik hier, aan een tafel in een café tussen modieuze types te doen alsof de regen die tegen de ramen kletterde me bovenmatig interesseerde. Nu ze eenmaal gearriveerd was, hoefde ik in ieder geval niet meer onopvallend de deur in de gaten te houden. Het zou haar geen enkele moeite kosten mij terug te vinden; een man van zekere leeftijd in een aftandse spijkerbroek en verwassen fleece vest stak behoorlijk af in dit hippe decor. Ineens stond me naast me. Ik schrok een beetje, zozeer was ik me aan het concentreren op mijn nonchalante pose.
‘Zo’, zei ze. ‘Dat is beter’. En ze liet zich zakken op de stoel tegenover me. Ze keek me aan met grote hazelbruine ogen. Haar natte haar zat strak weggetrokken in een toetertje op haar hoofd.
‘Doet dat niet zeer, je haar zo?’ Wat was dat nou weer voor stomme vraag! Maar zij vond het blijkbaar doodgewoon.
‘Nee hoor, maak je geen zorgen’, zei ze lachend.
Ze wenkte de mooie jongen die bediende en twee tellen later stond hij naast ons tafeltje. Over mij had hij professioneel heen gekeken. ‘Hé Arre, twee biertjes graag. Hoe is het met Annet?’, vroeg ze hem.
‘Ja, lekker’, antwoordde hij. ‘Jij?’
‘Prima. Doe haar de groeten van mij’. ‘De zoon van een vriendin’, zei ze in de richting knikkend waar hij was verdwenen. Ik voelde een golf van opluchting door me heen gaan. Wat was dat nou weer?
’Dus jij hebt twee kinderen’, zei ik ‘dat stond niet in je profiel’. Het kwam er wel erg misprijzend uit. ‘Nee’, zei ze. ‘Zou ik hier zitten als het er wel in had gestaan?’ Daar moest ik even over nadenken. Ik had gefilterd op iemand zonder kinderen. Ik werd altijd erg ongemakkelijk van kinderen en ik had ook nog nooit van iemand gehoord dat ze een vergemakkelijkende factor waren voor een nieuwe relatie. Mijn gedachtestroom werd onderbroken door Arre die de biertjes op tafel zette.
‘Ja hoor’, hoorde ik mezelf zeggen, ‘ik ben dol op kinderen’. Vorsend keek ze me aan, een spottende glimlach om haar lippen. Die lippen waren vol en in een mooie oranjeachtige kleur gestift.
‘Wat kijk je?’, zei ze en tot mijn verbazing zag ik haar blozen.
‘Je hebt een mooie mond’.
En toen was het hek van de dam. De ene na de andere zin hoorde ik uit mijn mond komen. Alsof er iemand mijn lijf overgenomen had. Ik hoorde mezelf grapjes maken, enthousiast vertellen over de laatste film van de Coen Brothers en vol overtuiging beweren dat er niets boven sushi ging. Sushi? Ik had nog nooit sushi gegeten. Hou je mond, hou je mond, dreunde het in mijn hoofd. Maar ik praatte maar door. Zij leek zich opperbest te vermaken. Af en toe zag ik haar lippen woorden maken maar welke drong niet tot me door. Blijkbaar had mijn andere ik er geen moeite mee want zij scheen niets in de gaten te hebben van mijn vreemde geestesgesteldheid.
‘Ik ga even naar de wc’, zei ik plotseling en stampte door het café naar de verlossing. In de toiletten kwam van alle spiegels een bleek gezicht met grote, opengesperde ogen op me af. Ik bukte me over een strakke wastafel met design kraan waar maar geen water uit wilde komen. Ik leunde met mijn hoofd op de bak en prompt begon het water te stromen. Het liep over mijn hoofd, in mijn vest, over mijn hete rug. Het koude water deed me ineen krimpen van schrik. Ik kwam te snel overeind en stootte met mijn achterhoofd tegen de scherpe rand van de kraan. Ik voelde me misselijk worden van de pijn. Ik hoorde de deur van het toilet opengaan, weer sluiten en daarna een opgewonden stem op de gang. Ik probeerde me zo goed en zo kwaad als het ging te drogen met de papieren handdoekjes. Op mijn achterhoofd kleurde het papier rood. Ook dat nog. Via de spiegels kon ik zien dat er een aardige snee moest zitten, het bloedde in ieder geval flink.
De deur ging weer open en Arre kwam binnen. ‘Gaat het een beetje? Jezus man, wat is er gebeurd?’ Hij duwde de groezelige theedoek die hij nonchalant aan zijn lange schort had hangen tegen mijn achterhoofd. ‘Je ziet lijkbleek. Kom, neem ik je even mee naar achteren.’
Ik weet niet of het door het koude water of de pijn kwam maar in ieder geval was ik weer normaal op aarde. ’Achteren’ was een soort bezemhok, dat blauw stond van de rook. Twee serveersters keken me met grote ogen aan. Ze drukten hun sigaretten uit en kwamen gelijk in actie.
‘Hier, ga zitten. Arre, haal jij even de verbanddoos’. Ze duwden me op een keukentrapje en mijn hoofd werd voortvarend onder handen genomen. Tien minuten later keek een modieus kaalgeschoren kop met enorme pleister mij in een make-up spiegeltje aan. Eigenlijk helemaal niet gek.
‘Zo’, zei Arre met een dikke knipoog, ‘klaar voor Katinka’.

Katinka zat naar haar nagels te kijken toen ik weer op mijn stoel ging zitten.
‘Zullen we opnieuw beginnen?’ vroeg ik, voordat ze iets kon vragen. ‘Sorry dat ik zo lang wegbleef‘ en deed in het kort verslag van mijn kraanavontuur. ‘Ik heb nog nooit sushi gegeten’, voegde ik eraan toe ‘en wat ik verder nog heb verteld moet je ook maar vergeten. Ik ben gewoon een duffe wiskundige die nooit uitgaat en een heel saai leven leidt’. Katinka nam me onderzoekend op met die grote bruine ogen. Mijn hart begon als een gek te bonken en ik realiseerde me dat ik veel langer in die ogen wilde kijken dan alleen deze avond.
‘O.k.’, zei ze, terwijl ze me een hand toestak, ‘ik ben Katinka en ik heb twee kinderen’.

2 reacties

Noud

woensdag, 23:14

Leuk verhaal heb je geschreven,dit moet wel een prijs opleveren.

groetjes, Noud.

Mirjam

vrijdag, 09:32

Hoi Liesbeth, wat een mooi, ontroerend en grappig verhaal!
Groetjes van Mirjam

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch