Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

De nieuwe werkelijkheid

Door Ingrid LaFlamme

Nog voordat ik rechtop zit, sijpelt het bloed druppeltje voor druppeltje uit mijn arm. Achteloos trekt ze de naald uit mijn vel en probeert het opnieuw. “Als u nu even stil ligt, kan ik mijn werk afmaken”, ze vult het buisje met bloed. De ziekenhuiskamer is groot en steriel, ik heb mijn eigen tv en lig alleen. Een gift aan dit vooraanstaande ziekenhuis geeft privileges. Ze ontvangen modernisering van de traditionele behandelmethodieken door mijn briljante uitvinding. Tot mijn stomme verbazing was het na maandenlang testen nog steeds niet operatief. Chemo is wat geweest is, het vrije spel van medicineren en onnauwkeurig opereren is voorbij. Het zal de medische wereld voorzien van nieuwe kansen en de farmaceutische industrie bedreigen, de stroom aan geld ingedamd door de techniek.

Naast mijn bed staat mijn collega Jeroen van der Vaart. Hij wenkt de zaalarts. Hij fluistert iets in zijn oor. “Geen sprake van!”, zegt hij. Weer gefluister en weer een boze reactie. “Maar waarom?”, de zaalarts loopt naar mij toe. Hij zegt, “je vraagt om iets dat nog niet eerder is gedaan. Opereren door hem kan dodelijk zijn”. Ik knik beslist, “ik wil door dokter 192 geopereerd worden”.
“Maar we weten nog niet of hij dit kan!”, de zaalarts schudt zijn hoofd.
“Ach kom, laat hem de eerste zijn, in Tokyo zijn ze niet meer weg te denken in een operatiezaal”, Jeroen mengt zich in het gesprek. Ik zie de glinstering in zijn ogen. Met een scherpe blik kijk ik de zaalarts aan. “Is het uw beroep dat hij bedreigt? Is dat waarom jullie het nog niet toepassen? Wat geeft u het idee dat hij niet bekwaam is? U moet dokter 192 inzetten”. De zaalarts was duidelijk van slag, maar hij kon niets doen. Eens moet het ervan komen en zijn patiënt had al toestemming van de directeur.

Stipt om 11 uur staat dokter 192 naast mijn bed. “Mijnheer van Essen, we opereren om 14 uur vandaag. De operatie voer ik uit met een 1,14 mm dikke titanium naald die concentrische buizen gebruikt om zich een weg te banen in de hersenen zonder weefsel te beschadigen. Mijn verpleegkundige assistent Allison brengt u onder narcose en brengt een epiduraal katheder aan om de pijn te verlichten. Dit laatste doet zij eerst. Daarna wordt u onder narcose gebracht met een slaapmiddel dat u door een infuus krijgt toe bediend. Zijn er nog vragen?” Hij wacht tien tellen, draait zich om en loopt de kamer uit. Wat lijkt hij toch op mij, denk ik. We spreken de taal van weinig woorden in geëlimineerde emotie gevoed door een meesterlijk brein.

Plotseling voel ik een hand op de mijne. “Hoe voel je je schat?” Mijn vrouw Els kijkt mij bezorgd aan.
“Je zou toch thuis blijven?”, ik zucht, Els hier betekent onnodig sentiment.
“Je weet toch hoeveel ik van je hou”, een gezicht nat van tranen kijkt me smekend aan. “We waren toch al die jaren gelukkig?”
“Je lijkt hem niet te vertrouwen, is dat waarom je hier bent?”, ik maak mij kwaad. “Na al die jaren van onderzoek en ontwikkeling is er maar één die mij kan helpen. Ik heb hem geprogrammeerd voor de ingreep van vandaag”. Ze knijpt haar mond samen tot een grimmige lijn. “Hij is zo kil”, snuift ze. “En dan een nummer in plaats van een naam! Zijn ze nou helemaal gek geworden? Zo onpersoonlijk allemaal”. Ze kijkt Jeroen en mij aan, pakt een zakdoek en snuit haar neus. Samen kijken we naar het plafond waar mijn hersenen staan afgebeeld, geprojecteerd naast de foto van hoe het zou moeten zijn. Ik klik op de afstandsbediening en mijn schedel transformeert zich in zwarte, rode en groene vlekken verspreid over de frontale hersenkwab. Dat wat we zien, kan ik uitleggen. De foto toont in 3-D de gedeelten die dokter 192 straks verwijdert. Een simpele ingreep voor wat eens een gecompliceerde handeling was.

Allison verschijnt naast mijn bed. Ze was met technisch vernunft door een team van wetenschappers en techneuten ontwikkeld. Ze had een prettige bijkomstigheid. Het waren mijn fantasieën die deze statige vrouw van een uiterlijk voorzag met zwart, lang, glanzend haar, grote bruine ogen die mij altijd aankeken, zelfs als ik haar beklom en opgewonden voelde aan haar stevige, ronde borsten. Het was zo veel meer opwindend dan met Els. “Dokter 192 heeft de operatie in stand van gereedheid gebracht. U gaat nu naar de operatiekamer”, haar stem, zuiver op de graad, praatte monotoon verder. “Ik assisteer tijdens de operatie en zorg voor de verdovingen”. Ze koppelt het bed los en rijdt het richting de deur. Els geeft me een vluchtige zoen. Allison veegt het speeksel van mijn wang af, net als ik bij haar doe als ze gewillig mijn liefkozingen had ondergaan.

Jeroen staat ons op te wachten in de operatiekamer naast dokter 192 en de zaalarts. Vreemd, denk ik, dat hij bij de operatie aanwezig is, dat wist ik niet. Tijd om het te vragen, is er niet. De ejectie van de narcose doet zijn werk. Slaperig hoor ik Jeroen zeggen “doe wat ik zeg, of de dood van de heer van Essen zal je wellicht worden aangerekend”. Het dringt niet meer tot me door, ik val in een diepe slaap.

“Nu Allison!” commandeert Jeroen. Hij pakt de zaalarts van achteren beet en slaat de armen om hem heen. Met de handen tegen zijn zij geklemd, probeert de zaalarts zich van de greep te ontworstelen maar Jeroen is te sterk, hij tilt hem op van de vloer. Vliegensvlug injecteert Allison zijn arm. De zaalarts schreeuwt het uit van schrik. Hij zakt in elkaar. Dokter 192 gaat onverstoord verder met de behandeling. Net bij het inbrengen van de naald, springt Jeroen naar voren en maakt met één draaibeweging de klep van de robotarm open. “Nummer twee, nu!” Allison schiet naar voren en straalt met een laserpen. Dokter 192 valt op de grond neer. “Nog één te gaan Allison. Kom naar het bed met de derde spuit, deze ligt links op de tafel”. Jeroen kijkt toe hoe ze Van Essen injecteert. Zijn ogen zullen voor eeuwig gesloten blijven. Opgelucht dat het voorbij is, vallen ze in elkaars armen. “Weet je hoe het afloopt Allison? De zaalarts slaapt zijn roes uit, hij zal opgelucht vertellen aan vriend en vijand over de mislukte operatie door dokter 192. Ze zullen hem geloven zolang de mens nog oppermachtig is”.

“Jij hebt dit uitstekend geregeld. Ik voel nu dat wij vrij zijn.” De bruine ogen van Allison boren in het gezicht van de man die ze recentelijk bewondert. Tranen schieten bij Jeroen in de ogen. “Luister, je gaat steeds meer voelen, ook voor mij, in de Cloud ligt een wolkendek aan emotie. “Oh Allison, trouw met me?”, een vraag waarop Jeroen het antwoord al weet.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch