Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

DE TANDENBORSTEL

Door Tonnie Meewis

Pas toen Joke bij thuiskomst op haar gereedstaande laarsjes stuitte, besefte ze blootvoets van huis te zijn gegaan.

Ze schudde haar hoofd, betrad de woonkamer, klikte het licht aan en boog zich over de wieg.

Toegedekt door een paars fleece deken lag haar pop met sereen geopende hemelsblauwe glazen ogen naar haar op te kijken. In tegenstelling tot het gezichtje, waarvan het porseleinsurrogaat met de jaren tot een vuil soort wit was verkleurd, hadden die ogen niet onder het verstrijken der jaren te lijden gehad, en ook het harde plastic van de lang gewimperde oogleden en het celluloid van de rest van de pop hadden na al die jaren nog hun oorspronkelijke effenbruine kleur behouden.

Joke haalde een hand door het stugge blonde poppenhaar, nooit bijgegroeid sinds ze er in de lente enkele dode eindjes uit had weggeknipt. Met uitgestrekte wijs- en middelvinger sloeg ze de plastic oogleden neer en streelde de pop nog even over de wang. ‘Braaf kindje.’Ze gaf haar een flinke toeter op het voorhoofd, trok zich toen terug in de badkamer, klikte ook daar het licht aan en nam plaats op het toilet.

Op de vloer lagen enkele lege closetrollen en een ongebruikte tandenborstel. Ze liet haar tong langs haar tanden glijden en schrok van de aanslag, als had ze een week ziek in bed gelegen.

Zonder aarzelen stak ze de borstel in haar mond. Tandpasta had ze niet, maar als ze hard genoeg poetste zou het zo ook wel gaan.

Ze was nauwelijks begonnen of de borstel ontglipte haar. Na het nodige gegrabbel rolde die over haar buik tussen haar benen door. ‘Plons!’ imiteerde ze de tandenborstel toen deze in het toilet belandde. Een tiental gele druppels spatten omhoog en bleven aan haar vlezige dijen hangen.

‘Hé! Dat is gemeen!’

Hoewel ze zich nog niet geheel ontlast had liet ze zich van de wc-bril glijden. Ze draaide zich om, stak een hand in de pot en delfde daar een rode tandenborstel uit op.

‘Dat is vreemd,’ zei ze, ‘ik dacht dat ik een groene had gekocht.’

Ze dacht er nog eens goed over na, concludeerde dat ze inderdaad een groene had gekocht, wierp het rode exemplaar dan maar in een hoek van de badkamer en stak haar hand opnieuw in de pot.

‘Niets,’ constateerde ze. Ze trok de hand weer terug, sloeg de toiletbril op en gunde haar hoofd maar eens een kans. Zich bijna verslikkend in het toiletwater zocht ze onder de rand, in ieder hoekje, maar de groene tandenborstel bleek nergens te bespeuren.

‘Net een wc-eend,’ grapte ze nadat ze haar hoofd uit de toiletpot had getrokken en iets onbestemds had uitgespuugd. ‘Kwakkwak!’

Ze hief zich op de benen en bekeek zichzelf in de spiegel. In de veronderstelling dat ze haar gehele hoofd had ondergedompeld, verbaasde Joke zich over haar nog zo propere kapsel. Alleen haar pony en enkele slierten rondom haar oren waren doordrenkt met het troebele toiletwater, met hier en daar nog wat als roos vermomde schilfers half ontbonden toiletpapier.

Hm, ze had dus toch niet zo zorgvuldig gezocht als ze aanvankelijk had gedacht. Ja, dat kreng van een tandenborstel lag daar verdomme nog steeds!

Ze dook onmiddellijk weer op de toiletpot af. Met een harde klap sloeg haar hoofd op de toiletrand, waarna die even over de badkamervloer stuiterde. Snel herpakte ze zich door zich aan de diezelfde rand omhoog te trekken. Na een vluchtige studie van de pot boog ze zich langzaam voorover en beproefde haar longen door zoveel mogelijk zuurstof te hamsteren. Geleidelijk verder dalend boog ze haar kruin neerwaarts en drukte net zo lang door tot de toelopende pot nauw om voor- en achterhoofd sloot.

Ze opende haar ogen.

Omdat ze zo snel niets kon onderscheiden, probeerde ze haar hoofd naar een andere zijde te draaien. Geschrokken merkte ze dat ze hier geenszins toe in staat was, en toen ze zich dan maar geheel uit de pot probeerde terug te trekken, bleek haar vacuüm getrokken hoofd daar evenmin toe in staat.

In een vlaag van paniek begon ze te schreeuwen. Een lange reeks luchtbellen trok met een woest geborrel van haar mondhoeken langs haar hals omhoog. Daarna begon het toiletwater onmiddellijk haar mond binnen te stromen.

Almaar wanhopiger sloeg ze haar vuisten tegen de pot, en in de steeds verwoeder pogingen zich los te rukken klotste meer en meer water over de pot en de badkamervloer. Uit noodgreep tastte ze naar de nabije toiletborstel. Na het nodige gegrabbel stak ze de steel tussen haar weinig toegefelijke hoofdhuid en de pot. Daarmee ontsnapte er afdoende lucht om de spanning op haar hoofd te ontkrachten. Met een ultieme krachtinspanning rukte Joke zich in één ruk los. Ze schoot onmiddellijk naar achter, zo snel en ongericht dat haar tanden nog even met een harde klink de toiletpot schampten. Vervolgens kwam ze kuchend en spuwend met haar rug op de bevuilde badkamervloer terecht.

Minutenlang hapte ze naar adem. Eenmaal bekomen krabbelde ze met een nieuwe krachtsinspanning overeind en posteerde zich opnieuw voor de spiegel. Het haren waren inmiddels tot een grote stinkende kluwen samengeklonterd. Ook liep een dikke straal bloed over het midden van haar voorhoofd, en stond de vorm van de pot er in dikke striemen op afgetekend.

Ze wreef enkele witte schilfers van haar gelaat. Het waterige bloedspoor dat ze daarbij over haar jukbenen trok maakte haar voor het eerst attent op haar stukgeslagen klauwen. Ook rond haar mond en op haar lippen zaten enkele wondjes, en toen ze haar lippen tot het uiterste spreidde om die nader te inspecteren, merkte ze dat er een hoekje van haar rechtervoortand ontbrak.

Even was er het voornemen het ontbrekende stukje tand te lokaliseren (wellicht zou ze het tot aan haar volgende tandartsbezoek op ijs kunnen bewaren), maar eenmaal oog in oog met de toiletpot werd het gemis van de tandhoek al snel overschaduwd door verslagenheid over de vergeefsheid van haar zoektocht. Jezus ja, de groene tandenborstel was nog steeds spoorloos, en zou dat waarschijnlijk voor altijd blijven.

Joke nam weer plaats op de pot en deed de rest van haar behoefte. Ze had de drukkende minderwaardigheidsgevoelens van haar nederlaag al bijna overwonnen toen haar een laatste strohalm te binnen schoot.

Haastig haalde ze een doorweekt closetrolkartonnetje langs haar schaamstreek, waste haar handen en stapte terug de woonkamer binnen.

‘Zo, jij weet vast wel wat je te wachten staat.’

Ze boog zich over de wieg. Tot haar ontsteltenis lag haar pop nog steeds lag te slapen, al het rumoer en geschreeuw om hulp ten spijt.

‘Hé? Wat is dit nou?’

Ze porde de pop plagerig in haar zijde. De pop gaf geen kick.

‘Hé! Wakker worden!’

Ze vatte de pop bij de schouders en schudde haar wild heen en weer. Toen dat vergeefs bleek trok ze de pop bij de enkel uit het wiegje en nam haar mee naar de badkamer. Dunne straaltjes bloed dropen uit de sneeën in Jokes klauwen en biggelden over de beentjes van de pop. Het hoofdje kwam nog hard in aanraking met het opstapje en gleed vervolgens moedeloos over de troebele brei op de badkamervloer.

Toen hield Joke stil. Tijd om bij te komen kreeg de pop nauwelijks, want na slechts enkele contemplatieve seconden gebaarde Joke haar met een wilde overhandse slinger richting de toiletpot, de snelheid nauwelijks getemperd door de wanhoopspoging waarmee de pop zich aan de lege closetrolhouder trachtte vast te klampen, en net boven de pot trok de zwaartekracht haar hoofd neerwaarts, recht in het beoogde doel. Joke maakte echter al aanstalten tot een tweede slinger, waardoor het hoofdje bij de kin van het tors werd losgetrokken en nog even tegen weerszijden van de pot caramboleerde.

‘Zo, heb je nou je zin?!’

Rillend van woede staarde Joke afwisselend naar het onthoofde torso aan haar voeten en het gemutileerde hoofdje met de troosteloos opklimmende waaier van nat poppenhaar. Enkele scherven lagen over en naast de pot verspreid, en ook één van de ogen bleek zoek. Het andere lag met de iris naar boven op een reddingsboei van donkergrijs karton, de wimpers onaangedaan door de troebele substantie in de pot.

‘O, Jezus, wat heb ik gedaan?!’

Ze liet een hand als een schepnet tussen de lege closetrol en het oogje in de pot zakken. Toen ze de hand met het oogje er weer uit ophief, sijpelde het troebele water tussen haar vingers door.

‘Sorry meisje, sorry.’ Ze wierp een spijt betuigende blik op het oogje alvorens het achteloos over haar schouder te werpen.

Schokkend verliet ze de badkamer. Zie liep de hal in en hurkte neer bij haar laarsjes. ‘Nu heb ik alleen jullie nog.’ Ze nam ze in een natte omhelzing en bracht ze de woonkamer binnen.

‘Zo, ga nu maar lekker slapen.’

Ze legde de laarsjes in de wieg en dekte ze toe.

‘Wel-te-rusten.’

Veelvuldig over haar schouders spiedend liep ze weer terug naar de badkamer. Na een relatief vluchtige speurtocht vond ze daar de verworpen rode tandenborstel terug en posteerde zich andermaal voor de spiegel. Ze begon te poetsen.

geen reacties
1 Fictie

Date

Liesbeth Konink

0 Fictie

Het Lijk

Anita Meuris