Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

De Zwarte Koffer

Door Will de Winter

Na een tijd braaf te hebben geluisterd hadden de twee jongens genoeg gehad van het stil zitten en het mooi poseren voor de jaarlijkse familiefoto met hun 3 tantes. Bram, de oudere helft van de tweeling zat al heel de tijd te staren naar het grote speelplein voor de deur, en barstte al bijna in een woedeaanval uit toen het driehoekige statief weer tevoorschijn kwam. Tante Til, zijn lievelingstante, kwam met de verlossende woorden.

‘Ga maar lekker naar voren toe hoor, neem je broertje en grote zus ook maar mee. Óf willen jullie liever de foto’s bekijken?’

Bram sleurde zijn broertje Will al met zijn jas half aan mee naar buiten. Daarentegen bleef Maan vastplakken aan de mouw van haar moeder.

‘Wil je niet gezellig mee naar buiten lieverd?’

Ondertussen wenkte Til, Jos, de man van Marlyn, en de vader van de drie kinderen mee naar de bijkeuken, om vervolgens door te lopen richting de kelder van het huis.

‘Maar vertel mama eens waarom je niet mee wilt met ze?’ die vraag resulteerde in gedram van Maan.

‘Omdat zij super stom zijn.’

Tante Jo moest lachen.

‘Wat zijn ze?’

Maan keek met tegenzin in haar richting en droeg haar zin ingestudeerd uit.

‘Ze zijn soms wel lief…’ tante Jo reikte haar een koekje aan. ‘Als ze slapen – ‘brabbelde ze daarna zachtjes.

Tante Ans, de tante die het drietal compleet maakt, en de oudste is, kwam de keuken uitgelopen, met haar geruite schort nog om haar middel.

‘Anders ga je samen met mama even naar buiten.’ En gaf haar een springtouw aan.

Marlyn keek beduusd.

‘Ans, ik wilde jou net komen helpen met bakken, dat had ik je de vorige keer al beloofd.’

Ans schudde haar hoofd. ‘Geniet jij maar eens van wat tijd met je meisje, je werkt heel de week al zo hard.’

Er verscheen een betoverende glimlach op Marlyns gezicht.

‘Vooruit dan.’

Een splitseconde na haar laatste woord werd er al hevig op het voorraam gebonsd. Maan stond al buiten met het touw in haar handen.

Til deed na het aflopen van de lange trap naar beneden het licht aan, wat hoogstens de sterkte gaf van een flikkerende kaars.

‘Ga je me nog vertellen waarom je mij mee lokt naar je kelder? Ik moet nog langer leven dan vandaag.’

Til maakte een rondje door de kelder en pakte een langwerpig doosje die op een bijzettafel lag.

‘Mijn verjaardag was twee weken geleden Til, dat weet je toch nog wel?’

‘Luister maar eens goed naar me, want dit wil je horen brom aap.’

Jos spitste gelijk z’n oren, als Til serieus werd was het altijd groots.

‘Ik heb hier dit oude doosje bonbons…’

‘Wat moet ik hier…’

‘Hou even drie tellen je muil dicht, alsjeblieft.’ Jos besloot maar om wijs zijn eigen mond te snoeren.

‘Ik heb hier dit doosje bonbons, waar nu natuurlijk geen bonbons meer inzitten, die had Ans na een halfuur al leeggeroofd, maar dat terzijde.’

Til sloeg het karton om en pakte een plat groen doosje uit de verpakking en klikte het slotje open. Ze presenteerde hem een – leeg doosje? Jos draaide het doosje terug richting Til.

‘Kak!’ riep Til en sloeg gelijk haar hand voor d’r mond.

‘Inderdaad’ grapte Jos erachter aan.

Tante Til liep ijsberend heen en weer.

‘Dat is niet de bedoeling…’ floepte ze er na een stilte uit.

‘Wat zat er in het kistje?’

Op dat moment ging de bel van de voordeur. Tante Til liep samen met Jos naar boven en zagen hoe Inge, een zus van Jos, de hal binnenliep.

‘Ik ben bang dat zíj de sleutel van de koffer in handen heeft gekregen.’ Zei Til met grote tegenzin.

Inge nam samen het haar man Dirk, en dochtertje Lara plaats aan de eettafel. Marlyn en kinderen volgde snel daarna. Maan wilde het springtouw teruggeven, maar dat gebaar werd lief geweigerd.

‘Vond je dit leuk?’

Een hijgende maan schudde haar hoofdje.

Tante Ans keek Marlyn aan.

‘Neem maar alvast mee. Ook leuk voor thuis.’

Marlyn was dankbaar voor het gebaar. Ze kreeg wel een jaloersmakende blik van Inge op links.

‘En Lara dan?’ die wilde ook wel lekker springen.

‘Dan blijft die hier.’ Zei Marlyn resoluut.

‘Ben je gek?’ Ans gaf het springtouw weer terug aan Marlyn, die het op tafel had gelegd. Ze richtte zich tot Inge.

‘We hebben er nog zo een, dus wees niet bang.’ Zei ze terwijl tante Jo een groentestoof op tafel zette.

Marlyn stopte het springtouw in haar tas met eigen borduurwerk erop en schepte vervolgens tante Jo’s overheerlijke gehaktbal op haar bord.

Ze nam de eerste hap, die groter was dan sociaal acceptabel.

‘Dat is vast genieten, zeker na al die bakken rijst in Hong Kong. Het was zeker een hele ervaring?’ Begon Jo, wat uiteindelijk lang natafelen werd.

Rond een uur of tien trok Ans een bordspel uit de vitrinekast en schoof het op tafel.

‘Wie durft?’

Ans’ zussen schoven gelijk aan en wisten de anderen ook te overtuigen om nog een spelletje te spelen. Het werd ‘Mens erger je niet’.

Het spel was al een uur bezig, alle vier de kinderen lagen uitgeteld op de bank met wat chips, terwijl Marlyn ze in de gaten hield met een thriller die ze tussen neus en lippen doorspitte.

Inge lag voorop en hoefde nog maar één pion binnen te krijgen. Kort gevolgd door Ans en Jos die ook bezig waren met hun laatste pion. Helaas voor hen moesten zij nog een halfrondje over het bord heen.

Inge moest drie gooien voor de winst. Til besloot dit spelletje in één klap een stuk spannender te maken.

‘Inge wacht even met gooien ik weet iets leuks.’

Ze stond op en haalde beneden het groene doosje en zette hem bij terugkomst op het speelbord.

Haar zussen keken verbaasd naar het lege doosje.

Til richtte zich tot Inge, die nerveus de dobbelsteen vasthield.

‘Jij hebt volgens mij de inhoud van dit doosje, toch?’

Inge keek eerst naar Ans en knikte toen.

‘Ja dat klopt’. Ze pakte de sleutel uit haar tas.

‘Leg hier maar in. De winnaar krijgt ‘m. Dat is het eerlijkst, nietwaar zussen?’

De zussen hadden met zijn drieën slaande ruzie gehad over wie het mocht hebben als zij er niet meer waren. De oudste had toen bepaald dat Inge het zou worden. Til en Jo waren er altijd van overtuigd dat de reden erachter was dat Inge de braafste optie zou zijn, terwijl Jos misschien meer risico met zich meenam door schulden uit zijn jongere jaren.

Inge was klaar voor haar laatste worp. Ze gooide en liet de dobbelsteen uitrollen.

Zes. Ze kreeg een tweede poging, maar bleef missen, waardoor Jos nu ook nog maar één worp nodig had. Ze misten om en om op een haar na, totdat Jos zijn laatste worp wist te bezegelen met de winst. Hij stond op van tafel, nam afscheid van de groep en deed de sleutel in zijn jaszak.

3 maanden later

Het was koud en nog donker toen een witte envelop met postzegel door de brievenbus viel. Marlyn pakte het op en liep naar de woonkamer. Ze gaf het aan Jos

‘Voor jou.’ Fluisterde ze zachtjes.

Hij maakte de envelop met een mesje open en trok de inhoud eruit.

Een rouwkaart, met drie foto’s aan de binnenkant;

Lieve allemaal, samen uit, samen thuis. Als jullie dit lezen betekent dat onze laatste wens in vervulling is gegaan. We waren onafscheidelijk verbonden en zullen dat nu ook blijven en vergeet niet;

‘Er is niets dat voorgoed verdwijnt als je de herinnering bewaart.’

‘Oooh, wat verschrikkelijk zeg…’ Zei Marlyn terwijl ze een slok koffie nam. Toen ze opkeek hoorde ze de voordeur dichtslaan.

‘Jos?’ riep ze na.

Jos stapte in zijn auto en las het kleine kaartje wat in de envelop verstopt zat.

‘Niet janken dat ik, en we, er niet meer zijn, vat die koffer van zolder en geniet ervan!’

Jos scheurde de stad door, parkeerde zijn auto scheef in het parkeervak en liep driftig richting de voordeur. Hij maakte hem open en keek rond, een doodse stilte. Hij liep naar de zolder en keek rond. Er stond niets. Alles was al weg.

Zijn bloed kookte toen hij de voordeur weer dichttrok.

Hij drukte alle telefoontjes van Marlyn weg en verscheen pas weer bij het avondeten.

Marlyn was woest.

‘Waar heb je al die tijd gezeten?’

‘Op zoek naar Inge die mijn koffer heeft weggekaapt.’

‘Wat zat er dan in dat het zo…’

‘250,000 gulden.’

Marlyn stikte bijna in haar drinken.

‘Hoeveel?’

‘250,000 gulden. Poef, weg.’

‘En nu?’

‘Beland ik waarschijnlijk in de bajes, want als ik die ooit nog tegenkom op een familiefeest, trek ik d’r kop van d’r romp af. Dat is een ding wat zeker is.’

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch