Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Derde klas 1957

Door Willem Jan Frijling

Pyke denkt terug in het verleden. Hij heeft er geen duidelijke reden toe, maar de beelden dringen zich aan hem op. De herinnering aan de auto van zijn vader, vooral de herinneringen aan school

Het schooljaar begint voor Pyke later en moeilijker dan voor de andere kinderen.
Hij was ziek, had een griepje met koorts. Bovendien blijkt dat de klas de zelfde klassejuf te hebben gekregen als het jaar er voor.
Zij hadden het vorige jaar rechtop leren schrijven, dit jaar blijkt hij tot overmaat van ramp schuin te moeten gaan schrijven. . Het botert niet tussen Pyke en de juf, hoe hij zijn best ook doet.
Juffrouw Koolenbak is streng. Juffrouw Koolenbak is ook onredelijk, ziet zijn latere aankomst niet als een verzachtende omstandigheid, die Pykes moeite met schrijven begrijpelijk maakt. Het schrijven wordt een soort gekrabbel.
Met dikke, donkere wenkbrauwen en bleke ogen achter haar frame-loze brillenglazen heerst juffrouw Koolenbak over de klas.

De klas krijgt een rij moeilijke woorden gedicteerd. Pyke doet iets verkeerd, maar het dringt niet tot hem door wat dat is.
“Drooomedaris,” zegt de vrouw achter de brillenglazen.
“Drommedaris,” schrijft Pyke angstig en kriebelig.
“Dróóómedaris!”
Pyke begrijpt het niet, het besef is er gewoon niet. Zijn hersenen weigeren een normale gang van zaken.
“Drommedaris,” schrijft hij.
“Blijf jij maar even zitten straks, zegt juffrouw Koolenbak kort en zij kijkt de laatste tien minuten van de les niet meer in zijn richting.

Ze zitten samen alleen in het klaslokaal.
Pyke kijkt op. Juffrouw Koolenbak kijkt hem met koude ogen aan. “Je zit altijd te dromen,” zegt zij en buigt haar hoofd dreigend in zijn richting. Pyke ziet haren op haar bovenlip. Hij griezelt van haar.
Er welt een herinnering in Pyke op. Hij is een baby en hij zit op de arm van zijn moeder. Het is zomer want ze heeft een zomerjuk aan. “Tante Marion gaat weg. Geef tante eens een kusje.”
Maar tante heeft haren op haar bovenlip en Pyke verzet zich, gaat huilen.
Zijn moeder lijkt beschaamd. De tante lacht. “Geeft niet hoor.”
“Doe niet zo raar, geef maar een kusje,” dringt zijn moeder aan en duwt Pykes gezicht tegen die van zijn tante aan.

Opeens ziet Pyke wat hij fout doet en weet hij ook, dat als Juffrouw Koolenbak had gezegd dat het met één m moest, hij het direct had geweten. Hij zegt er geen woord over.
“Dromedaris.” Schrijft hij. “Vervelend mens,” denkt hij.
“Ga nu maar eten,” zegt de juf. Pyke loopt naar de overblijfklas.

Op een dag vindt Juffrouw Koolenbak dat Pyke iets verkeerd doet. Dat gebeurt niet voor de eerste keer.
“Kom eens hier, Pyke.” Aan de toon in de stem wist Pyke dat er iets onaangenaams staat te gebeuren. Hij kent de voortekenen en Pyke loopt aarzelend naar voren.
Juffrouw Koolenbak kijk hem van over haar lessenaar aan, geeft hem een tik in het gezicht. Pyke kijkt vragend naar Juffrouw Koolenbak.
“Heb je het verdiend, Pyke?”
Pyke zwijgt, krijgt nog een tik en de vraag wordt herhaald. Pyke kiest er niet voor om te blijven zwijgen of in verzet te komen. Hij is geen held.
“Ja juffrouw.”
“En wat zeg je dan?”
Pyke weet hoe hij het snelst van deze martelmethode af kan komen. “Dank u wel juf,” zegt hij, bijna onhoorbaar, door de verdrongen trots heen. De klas is stil, kijkt naar hem.
“Ga maar weer naar je plaats.”
Pyke druipt af, kijkt niet om zich heen, slikt zijn woede in. Niet voor het eerst. Hij denkt aan allerlei ongelukken die haar kunnen overkomen en hij gunt ze haar allemaal.
Hij gaat er thuis niemand iets over vertellen. Zoiets geloven zij toch niet.

Er is veel veranderd in zijn leven.
Veel ook is gelijk gebleven: zijn schrift is tamelijk beroerd. Zijn geheugen niet verbeterd en zijn positie in zijn stamgezin, voor zo ver daar sprake van is, onzeker.
Wat ook bleef is de ongeziene woede, het onpeilbare verdriet. Veilig weggestopt, ongedeeld.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch