Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Dictator

Door Jacqueline Brouwers

Dictator, jeugdtoneel

Salvarino Augustin Kowalskatas is dictator van een klein land. Hij bereid zijn jaarlijkse speech voor in een van de privé vertrekken van zijn paleis voor ‘Het grote goed’. Zijn vrouw Marie-Juliana Kowalskatas hoort hem aan.

Scene: Links op de voorgrond staat een decadente sofa met een rond tafeltje er voor. Marie-Juliana ligt gedrapeerd op de sofa. Op het tafeltje staat een schaal bonbons en een potje nagellak. Rechts staat een manshoge ouderwetse kantelbare spiegel. Rechts van het midden, schuin achter de sofa staat een robuust bureau. Op het bureau staat een lijstje met een foto van kinderen aan de linkerkant, rechts ligt een klassieke dictatorspet met veel goud. Salvarino staat achter zijn bureau met een stapeltje papieren in zijn hand. Er klinkt potsierlijke marsmuziek.

Salvarino, met harde, theatrale stem: Wij, broeders van Capitopol komen vandaag samen om onze krachten te bundelen, om als een man op te staan tegen dat wat ‘Het grote goed’ laat afnemen, te kort doet of zelfs wil vernietigen. Als één man staan wij hier, onverschrokken, een eenheid van vastberadenheid. Wij delen een visie waar wij voor strijden, een visie die ons steeds duidelijker voor ogen staat. Ik, Salvarino Augustin Kowalskatas ga jullie voor, ik voel de pijn van mijn volk als geen ander, ik ben jullie naaste in die strijd. Maar ook wil ik jullie lantaarn zijn in donkere tijden, de deken in de warme nacht, de leider die mijn volk verdient.

Marie-Juliana: De deken in de warme nacht? Jij rolt je altijd op als een loempia in ons dekbed. Weet je hoe vaak ik helemaal koud wakker word? Dan probeer ik hem voorzichtig los te trekken, maar je laat niet los. Onverschrokken en vastberaden, dat gedeelte klopt wel. Je geeft geen centimeter mee.

Salvarino: Neem het niet letterlijk, het is een metafoor. Luister nou, dit wordt de meest krachtige speech sinds jaren. Ik ben echt goed op dreef.

Salvarino gaat voor de spiegel staan : Ik zie er best goed uit toch nog? Er zijn grote leiders met slechter haar.

Marie-Juliana: Op de spotprenten tekenen ze je anders steeds meer met een buikje, is je dat opgevallen?

Salvarino houdt zijn buik in en kucht.: Wij broeders van Capitopol komen vandaag samen om..

Marie-Juliana: Nee, doe de rest eerst ook even. Ik ben benieuwd wat je geschreven hebt, kom ik er in voor dit jaar? Ik wil er in voorkomen.

Salvarino: Nee, ik wil dit jaar niet ontroeren met mijn liefdevolle warme hart voor mijn gezin, ik wil inspireren. Luister, ik ga verder, dit is een goed stukje: Vele offers brachten wij voor ‘het grote goed’, vele zullen er nog gebracht moeten worden. Dat doen wij met liefde en met opgeheven hoofd. Dagelijks werk ik vele uren aan de lezingen die u in elk dorp door de luidsprekers kunt horen om u te inspireren. Ik bezoek ziekenhuizen, legerkazernes en bejaardeneliminatiecentra. Daarom vraag ik u om vrijwillig een zesde dag in de week te werken in een van de fabrieken die onze welvaart bespoedigen. Ik weet dat u dat allemaal zonder klagen zult doen, zodat u uw staatswoning zult kunnen behouden.

Marie-Juliana: Je zit eigenlijk best vaak op de bank met een biertje, maar dat is mijn persoonlijke mening. Ik vind dat je je wat meer met de kinderen zou kunnen bezighouden. Weet je zeker dat je dat op die manier wil gaan zeggen? Fernando vraagt vaak naar jou, zegt het kindermeisje. Hij had een geweldig rapport, maar hij doet niet zo veel, hij is 12 en kan nog niet eens goed lezen. De juf van zijn school durft hem niet tegen te spreken. Meestal speelt hij met zijn playstation. Zij weet ook wel wat er met de vorige gebeurd lerares is. Praat jij nou eens met hem.

Marie-Juliana neemt een bonbon.

Salvarino: Dat weten zij toch niet, van die bank en dat bier. Je moet op een andere manier luisteren. Wat jij opmerkt is niet erg relevant Marie. Ik kan toch niet zeggen, ’Werk allemaal gratis een extra dag meer, zodat ik nog rijker word, anders schoppen we je je huis uit. En dat terwijl ik films kijk en pinda’s eet?’, dat komt niet geloofwaardig over. Ik laat Fernando volgende week wel even in mijn agenda zetten, ik wijs hem wel terecht. Je hebt van die laarzen die een verhoging van binnen hebben, dan lijk ik langer. Zou ik mooier zijn als ik langer was?

Maria-Juliana: Ik vind je mooi genoeg zoals je bent.

Salvarino: Kijk dat filmpje eens terug van vorige week dinsdag, van dat schudden van die hand. Hij was duidelijk een kop groter dan ik, ik leek wel een tuinkabouter.

Marie-Juliana: Een tuinkabouter met charisma dan. Jouw handdruk was fermer, je glimlach vriendelijk maar afstandelijk, je blik in de camera resoluut maar charmant. Je had gewoon gewonnen, niemand had het over je lengte. Maar je moet wel je gewicht in de gaten houden.

Salvarino: Neem nog een bonbon, mag jij zeggen. Bij dat staatsbanket was jouw kont beeldvullend hoor.

Marie-Juliana: Dikke dwerg met een groot ego.

Marie-Juliana: Gaat haar nagels lakken.

Salvarino: Als je nou je mond eens een tijdje houdt en luistert naar de speech van de grote leider. Je hebt de nobele eer de eerste te zijn die deze prachtige woorden mag horen.

Marie-Juliana: Ik meen het hoor, van dat ego. Jij geeft je afgeknipte teennagels nog een staatsbegrafenis.

Salvarino gaat naast haar op de bank zitten: Geef me een kus, je houdt van mij.

Marie-Juliana geeft hem een kus op zijn wang. : Jij houdt ook van jou.

Salvarino galmt: Tot mijn grote vreugde kan u dit jaar mededelen dat de belasting geen dertig procent omhoog gaat, mijn regering heeft het kunnen beperken tot een respectabele vijfentwintig procent. Ook ik lever mijn aandeel, er zullen minder pleziervaarten gemaakt worden met de koningssloep.

Marie-Juliana: Nee, dat kan niet. Ik heb zoveel afspraken met de dames staan voor van de zomer. Iedereen vindt het leuk om mee te varen op de sloep. Het volk zwaait langs de kade, het zonnetje schijnt. De kinderen vinden dat ook leuk. Minder maar met iets anders, doe een Rolls weg, een paar misschien. Ik zie je nooit in die roze rijden.

Marie-Juliana: Steekt haar handen op, Salvarino blaast haar nagels droog.

Salvarino: Mooi niet, ik hou van die wagens. Het is mijn hobby, elke man heeft een hobby nodig. Bovendien is het werkgericht, ik rij er echt veel in.

Maria-Juliana: je hebt ook al die voetbalclub gekocht, dat valt op in de media. Denk je nou echt dat je wegkomt met wat minder tochtjes in de sloep?

Salvarino: Ok, ik verkoop de club dan wel. Schenk ik de opbrengst aan het land, zij ook weer blij. Zo goed? Ik heb een kriebel op mijn rug, kriebel me, kriebel me.

Marie-Juliana: Ik heb net mijn nagels gelakt. Kriebelt met haar elle boog.

Salvarino: Morgen ga ik verder, ik denk dat de vader van het volk iets kouds uit de ijskast nodig heeft. Laten we ook een pizza nemen, we eten nooit pizza meer.

Marie-Juliana: Stopt een bonbon in zijn mond. Ik beveel een kok, morgen verder.

Salvarino: Nog maar drie uur te gaan, verdomd ik ben goed bezig!

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch