Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Dierbaar plastic

Door Petra Zegerius

Dierbaar plastic

Ze was er al zeker een maand niet meer geweest. Bij haar moeder. En nu staat ze in de woonkamer van haar ouderlijk huis. De volle woning lijkt zielloos zonder haar moeder op de bank met haar eeuwige koffie en krant. Vanaf de bank kijkt Zoë naar de vele boeken en naar haar eigen gezicht dat haar vanuit een zilveren lijstje in de boekenkast toelacht. Onwerkelijk dat binnen een maand in dit huis andere mensen zullen wonen, lachen, elkaar liefhebben en ruzie maken.

In de slaapkamer gekomen, schuift Zoë de klerenkast van haar moeder open. Fleurige kleren, netjes aan haakjes opgehangen. Ze sluit haar ogen en inhaleert haar moeders geur. Tranen wellen op, als ze de zachte stof van een bloemetjesvest tegen haar wang drukt.

Zoë zal een selectie moeten maken uit de kleding. De kamer in het verzorgingshuis is namelijk niet al te groot. Na die lelijke val van twee weken geleden kon haar moeder echt niet meer naar haar eigen huis terugkeren. Zoë was blij dat ze vanuit het ziekenhuis gelijk een plekje in een verzorgingshuis kon krijgen.

Bedachtzaam vult Zoë een koffer met kleren. Dan valt haar oog op een rieten koffertje met hengsels op de bodem van de klerenkast. Het weegt bijna niets als ze het op schoot neemt. Met open mond staart ze naar de inhoud: opgevouwen plastic zakken in uiteenlopende formaten. Zakken uit Nederland en uit het buitenland. Waarom zou haar moeder al die zakken bewaard hebben?

Met de koffer vol kleding loopt Zoë naar de huisdeur en trekt haar jas aan. Dan bedenkt ze zich, loopt weer naar de klerenkast en keert terug met het rieten koffertje.

Zoë begroet de receptioniste, loopt langs de recreatieruimte en neemt de lift naar de derde etage. Bij haar moeder aangekomen, legt ze het rieten koffertje open bij haar op schoot en gaat naast haar op bed zitten.

“Mam, wat zijn dit toch voor zakjes?”

Haar moeder reageert niet en lijkt afwezig. Zoë ziet dat haar moeders ogen vochtig zijn.

“Wat betekenen deze zakjes voor je?”, fluistert Zoë nu bijna.

Haar moeder slaakt een zucht.

“Met deze zakjes houd ik mijn dierbaarste momenten vast.”

Zoë kijkt haar moeder niet-begrijpend aan. Dan legt deze een van de zakjes op Zoë’s schoot. Café Noé in Boedapest, leest Zoë.

“Hier heb ik nog met je vader flodni gegeten, een joods gebakje met walnoten, pruimen, appel en maanzaad. Heerlijk vond ik dat. En toen had je vader nog een stuk voor me gekocht om op de hotelkamer op te eten, de lieverd.”

Zoë kijkt haar moeder aan.

“Wat een mooie herinnering.”

Haar moeder knikt en trekt weer een zakje uit het koffertje. Apotheek Giannopoulou Fotini Ch., staat erop. Zoë’s moeder giechelt en wil het weer terugleggen.

“Een apotheek in Athene? Had je weer blarenpleisters nodig?”, lacht Zoë.

“Nee, dat was het niet…”

Er verschijnen blosjes op de wangen van Zoë’s moeder. Onrustig schuift ze heen en weer op het bed.

“Wat dan wel? Wat doe je opeens geheimzinnig!”

Haar moeder kijkt even naar beneden en pulkt aan een draadje dat aan haar roze vest hangt.

“Ik had condooms gekocht! Voor het eerst in mijn leven!”

Zoë glimlacht als ze de gegeneerde blik van haar moeder opvangt.

“Je vader was al vier jaar overleden toen ik een aardige Griek in Athene ontmoette. Hij werkte net als ik in het onderwijs en had vakantie. We trokken de hele week samen op en de laatste avond ben ik met hem mee gegaan naar zijn appartement…”

“O, is dát die Dimitrios van wie je nog die foto’s hebt en over wie je het vroeger zo vaak had?”

“Ja, het was een lieve man. We hebben zeker nog acht jaar contact gehad, tot hij trouwde en we elkaar uit het oog verloren. Hij moet nu ook al ver in de tachtig zijn. Ik vraag me af of hij nog leeft.”

Dan pakt haar hand een witte plastic zak uit het koffertje. Broekmans en Van Poppel staat er in blauwe letters op.

“Is dat niet die muziekwinkel in de Van Baerlestraat?”

Zoë’s moeder knikt en slikt.

“Door deze zak zijn jouw vader en ik samengekomen.”

Zoë voelt dat haar moeder nu iets belangrijks gaat vertellen. Haar moeder pakt haar hand plotseling vast.

“Na een paar jaar pianoles wilde ik zo graag eens met iemand samen spelen. Daarom kocht ik een bundel quatre-mains van Mozart en ging oefenen. Ik had je vader al een aantal keer ontmoet op een feestje, maar was te verlegen om hem aan te spreken. Maar nadat ik eenmaal een paar quatre-mains had ingestudeerd, vroeg ik of hij iemand kende met wie ik zou kunnen oefenen. Ik verwachtte dat hij me aan een van zijn pianoleerlingen zou voorstellen, maar tot mijn grote verrassing bood hij zichzelf als quatre-mains-maatje aan!”

Zoë grinnikt.

“Papa liet er dus geen gras over groeien!”

Haar moeder glimlacht.

“Elke week ging ik met kloppend hart naar zijn huis. Dan zaten we samen op een grote pianokruk achter je vaders vleugel. Ik genoot van de subtiele aanraking van onze handen en armen bij het samenspel. Mozart was een deugniet en zorgde er soms voor dat je allebei tegelijkertijd dezelfde toets moest aanslaan of je armen over die van de ander moest zetten om je partij te spelen.”

Haar moeder speelt met het losse draadje aan haar vest.

“En probeerde papa niets?”

“Nee, jouw vader was al net zo verlegen als ik. Tot we op een middag een quatre-mains van begin tot eind helemaal goed hadden doorgespeeld. Na het slotakkoord draaide je vader zich naar me toe, -ik zie nog die blik in zijn ogen-, nam mijn gezicht in zijn handen en zoende me uitbundig!”

Zoë kijkt ontroerd naar haar blozende moeder. Hoe kon ze toch vergeten zijn dat ook haar moeder eens een jonge, begeerlijke vrouw was geweest die verliefd werd en op wie mannen verliefd werden?

“En daarna ging het allemaal snel. Een half jaar later waren we getrouwd en na anderhalf jaar was jij er al.”

De volgende dag is Zoë al vroeg bij Broekmans en Van Poppel. Hier had haar moeder dus ook gestaan met de bundel quatre-mains. Een muziekbundel waaraan zij, Zoë, haar bestaan te danken had.

“Mag ik deze cd eens horen?”

Zoë schuift een cd met de quatre-mains van Mozart naar de baliemedewerker. Even later luistert ze naar de muziek, die haar ouders ooit samen gespeeld moeten hebben.

Diezelfde avond staat Zoë weer bij haar moeder in de kamer.

“Ben je daar weer? Moet je geen lessen voorbereiden?”

“Kijk eens, ik heb iets voor je meegenomen!”

“Broekmans en Van Poppel…”, mompelt haar moeder, terwijl ze met haar benige wijsvinger over het stugge papier van het witte zakje gaat.

“Kijk maar snel wat het is!”

Gespannen opent de oude dame het zakje.

“Onze quatre-mains! Wat zou ik die graag weer eens horen!”

Het gezicht van Zoë’s moeder straalt.

Even later zit de cd in Zoë’s laptop en vullen de klanken van Mozart de kleine bejaardenkamer. De ogen van Zoë’s oude moeder lichten op. Daarna sluit ze deze, recht haar rug alsof ze weer achter de vleugel zit en beweegt haar bovenlichaam op de maat van de muziek. Haar stramme vingers lijken hun vroegere souplesse te hebben hervonden en vliegen, met de juiste vingerzetting, heen en weer over haar schoot.

Als de oude dame haar ogen weer opent, glimlacht ze naar Zoë en strijkt het witte papieren zakje behoedzaam glad. Vervolgens opent ze het rieten koffertje en legt het papieren zakje bovenop de plastic zak waarin de gedenkwaardige bundel quatre-mains had gezeten.

“Nu zijn mijn herinneringen compleet.”

Ze sluit het koffertje.

7 reacties

Regine Bergmeijer

maandag, 14:32

wat wil je nog meer als een verhaal je een brok in je keel geeft. Daar is literatuur toch voor….

Marjorie

donderdag, 16:25

Heel mooi, Petra. Ik zie het zo voor me.

Ted en Tineke

woensdag, 11:19

Een prachtig verhaal !!!!!

Ellen

maandag, 14:09

Liefdevol en respectvol vanuit een speciale moeder-dochter relatie geschreven. verhaal., dat het hart raakt.

Peter M. Jelinek

zaterdag, 13:50

..Een heel mooi geschreven, uit het leven gegrepen, verhaal!
Petra is een van de weinige schrijvers van formaat, die in staat blijken, om op een beeldend boeiende wijze de dode materie, zoals plastic, tot leven te kunnen brengen!!

Weisselberg

vrijdag, 19:01

Een heel mooi romantisch verhaal dat een heel verleden van een oude vrouw beschrijft . Dat verleden wilde ze koesteren omdat het haar ook dierbaar was . Elk zakje daar was een geschiedenis aan verbonden die ze wilde vast houden . Ze heeft vast een heel gelukkig leven gehad .

Philip Bodenstaff

donderdag, 21:16

Wat een mooi verhaal over plastic, Onverwacht en wat leuk einde.
Mooi geschreven ook.

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch