Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Eef

Door Wendy van der Meer

Eef zat op de grote, comfortabele stoel in hun woonkamer. Voeten op de grond. Handen in haar schoot. Gedachten schoten in een hoog tempo door haar hoofd. Ze wilde wel van alles. Ze wilde werken. Ze wilde zich nuttig maken. Ze wilde een gesprek voeren. Ze wilde reizen. Ze wilde zich creatief voelen. Ze wilde nodig zijn. Toch wist ze niets anders te verzinnen dan daar te zitten in die stoel. De wanhoop kneep haar keel dicht en toch was er niets aan haar te zien.
Het huishouden, haar taak in het leven, had ze onder controle. Zo veel werk was dat niet. In een meer ontspannen toestand borrelden de verhaallijnen vaak spontaan in haar op. Dan kon ze in ieder geval nog schrijven. Maar het was al een poosje te druk en te stil tegelijkertijd, in haar hoofd. De gedachten schoten alle kanten op, maar de verhalen bleven weg. Het boek dat ze aan het lezen was kon haar niet boeien. Ze kende nauwelijks iemand in hun nieuwe woonplaats en haar man was voor zijn werk in het buitenland. Haar was het niet gelukt om iets van een carrière op te bouwen, al had ze het nog zo hard geprobeerd. Ze voelde zich mislukt en schuldig.
Dromen lukte wel. Continu fantaseerde ze tot in detail over een leven waarin ze zinvol bezig was. Af en toe stelde ze zich voor dat ze als extern adviseur bij bedrijven knelpunten signaleerde en oplossingen aandroeg. Ze had altijd snel overzicht in een nieuwe organisatie en kon goed haar vinger op de zere plek leggen. Ze zou door het hele land reizen en genieten van het idee verbeteringen aan te brengen. Vaker runde ze in haar dromen een accommodatie in de bergen. Een buitensport herberg noemde ze het. Wat B&B kamers, een trekkershut, een eenvoudig eetcafé en misschien ook een mini-camping voor in de zomer. Een gemoedelijke pleisterplaats. Ze zou niet op de voorgrond staan, maar vooral veel regelen en organiseren. Ze zou genieten van het plezier van haar gasten. Soms creëerde ze in haar fantasie een wat meer realistische versie; een kleinere B&B, met een grote tuin, gewoon in Nederland. Ze zou een moestuin onderhouden en een hond hebben en misschien ook nog een varken. Wat in al haar dromen terugkwam was dat ze rust zou vinden door druk te zijn. Dat was het belangrijkste. Focus, in plaats van chaos in haar hoofd. Het leek alleen allemaal volstrekt onbereikbaar.
Ondertussen zat ze daar in die grote stoel. Voeten op de grond. Handen in haar schoot. En drukte in haar hoofd. Nederland was toch een land waarin je je eigen lot in je hand had? Het leven was maakbaar, als je alle mediaberichten mocht geloven. Met hard werken kon iedereen ergens komen. Zij hield van werken, ook van hard werken, en ze was niet dom. Blijkbaar miste ze iets. Het paste nooit. Een vierkante plug in een rond gaatje, zo zeiden ze dat in het Engels. Ook op sociaal gebied had ze daar wat last van. Te persoonlijk, te vriendelijk, te letterlijk, te veel verantwoordelijkheidsgevoel, er was al van alles tegen haar gezegd. Te veel. Ze was gewoon te veel. Overbodig.
Heel langzaam kwam er een andere gedachte in haar op. Zij had er ook niet om gevraagd om op deze wereld gezet te worden. Ze moest het er maar gewoon mee doen. Hoe kon een mens ooit te veel zijn, als je geen zeggenschap had over je ontstaan? Het was niet alsof je een ongenodigde gast was op een feestje. Zou zij een ander ooit te veel noemen? Het zou niet in haar opkomen. Nooit. Hoe haalde ze het dan in haar hoofd om zichzelf te veel te noemen? Hoe hard ze zichzelf ook wegcijferde, ze was er nog steeds. Misschien werd het tijd dat eens goed door te laten dringen en meer ruimte in te gaan nemen. Mislukt of niet; ze was er.
Ze zat nog steeds in de grote stoel. Voeten op de grond. Handen in haar schoot. Maar de energie begon te stromen. Ideeën schoten door haar hoofd, meer constructieve ideeën nu. Haar man probeerde haar al tijden te motiveren om dingen voor zichzelf te doen. Ze had zich telkens te schuldig en ongelukkig gevoeld om geld aan zichzelf te besteden. Nu ontstonden er concrete ideeën en plannen. Na nog even gezeten te hebben, kwam ze in beweging.
Als eerste dook ze haar kledingkast in. Ze had al in geen tijden meer echt aandacht of geld besteed aan haar uiterlijk. Alles wat ze eigenlijk te suf of ‘smoelloos’ vond, ging op een hoop. Bijna haar volledige garderobe verdeelde ze keurig over plastic zakken en bracht ze direct naar de kledingbak. Dat voelde zo goed dat ze alleen maar meer energie kreeg. Weer thuis dook ze achter de computer. Ze wilde al heel erg lang op dansles. Dat was het eerste dat ze regelde. Ze kon diezelfde avond al een proefles nemen in de buurt. Haar maag kneep samen van spanning en enthousiasme. Het volgende wat ze opzocht was een cursus persoonlijke effectiviteit. Ze wist dat ze over capaciteiten beschikte, ze wist alleen niet hoe ze die zichtbaar moest maken en effectief kon inzetten. Daar ging ze ook mee aan de slag. Ze vond een cursus waar ze begin volgende week al mee kon starten.
De dag na haar eerste dansles, die ondanks haar zenuwen geweldig verliep, ging ze naar de stad. Het werd tijd voor een garderobe die beter paste bij hoe ze zich voelde onder die huisvrouwen-buitenkant. Ze was eigenlijk niet iemand voor saaie spijkerbroeken, fleecetruien en praktische schoenen. Ze kocht jurken, herenbroeken met vouw, gilets, stoere laarzen en retro pumps. Ze gaf een klein vermogen uit, zeker voor haar doen. Ze genoot met volle teugen. In de trein terug naar huis, probeerde haar bekende schuldgevoel de kop op te steken. Met haar nieuw gevonden vertrouwen dat zij er ook mocht zijn, hakte ze het rigoureus zijn kop af. Ze was geen slecht mens. Dat soort sentimenten bracht niemand iets.
Die maandag was de eerste dag van haar cursus persoonlijke effectiviteit. Ze werd er uit de tent gelokt en geconfronteerd met alle overtuigingen waarmee ze zichzelf telkens weer onderuit haalde. Het was persoonlijk en het was heftig. Ze sliep daarna dertien uur. Maar toen ze dinsdag opstond was haar vertrouwen alleen nog maar gegroeid. Ze zou niet langer de nadruk leggen op alles wat mis gegaan was. Ze wilde vanaf nu bezig met haar mogelijkheden en met haar toekomst.
Toen later die week haar man thuis kwam zat ze op de grote, comfortabele stoel, waar ze meestal op zat. Benen over elkaar geslagen en armen op de leuningen. Even was hij afgeleid doordat één van de muren een levendige kleur had gekregen. Aan een andere muur zag hij wat uitvergrotingen van foto’s die er eerder niet hingen. Zijn wenkbrauwen gingen wat omhoog. Toen ging zijn blik terug naar zijn vrouw en moest hij even met zijn ogen knipperen. Als eerste zag hij haar blik. Weg was de wat vlakke blik, waar altijd een zekere wanhoop in te zien was. Ze keek hem nieuwsgierig, enthousiast en een beetje afwachtend aan. Toen zag hij haar jurk. Hij wist dat ze een goed figuur had, maar nu kon hij dat nog zien ook. Hij liet zijn aktetas op de grond ploffen. Hij was wilde iets gaan zeggen, maar kwam er niet helemaal uit. Nog voordat hij de woorden gevonden had gevonden, sprong ze van de stoel en pakte ze hem vast in een hele stevige omhelzing. Hij sloeg zijn armen om haar heen en merkte dat hij wat weg moest slikken. Het wonder waar hij al tijden op hoopte, leek te hebben plaatsgevonden. Zijn vrouw had zichzelf teruggevonden, ondanks de omstandigheden. Hij was eindelijk weer echt thuis.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch