Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Een ochtend in september.

Door martin stolwijk

Ze was voor het eerst sinds lange tijd weer buiten.
Wat onzeker en zichtbaar wiebelig op haar benen. Het deed haar goed haar longen met de frisse ochtendlucht te kunnen vullen. Er liep een rilling over haar veel te magere rug toen de eerste ochtendstralen van de vroege zon op haar gezicht vielen.
Ze kneep haar ogen tot streepjes. De nu nog flauwe septemberzon was al bijna teveel voor haar, maar ze wilde haar ogen niet sluiten. Ze wilde helemaal niets missen van haar eerste ochtendwandeling.
Het laatste jaar was de buitenwereld vervreemd. Of was zij vervreemd? Daar wilde ze nu even haar hersens niet mee pijnigen.
Ze wilde vooral genieten.

Ze liep voorzichtig het pad af naar de buitenrand van de wijk.
Arm in arm liep zij daar. Zo had ze aan beide zijden steun.
Ze voelde zich gelukkig in hun aanwezigheid. Het voelde vertrouwd. Beiden hadden haar bijgestaan in al haar moeilijke uren. Ze waren niet van haar zijde geweken, ondanks dat het soms een beproeving was geweest. Nee, zij waren haar trouw gebleven.

Haar eigen vriend was afgehaakt. Emotioneel niet in staat haar lijdensweg een plaats te geven. Ze had hem zien worstelen.Tenslotte was zij degene geweest die de knoop door had gehakt. Ze wilde niet met hem ten onder gaan aan verdriet. Nee, zij was meer dan dat, sterker.

Zij wilde leven en zou daar alles aan doen. Geen tijd voor medelijden.
Ze stond stil bij het bankje aan de rand van het weiland.
Ze zag de ochtenddauw op het gras en de mistflarden boven het slootje. Ze gooide haar hoofd achterover en haalde diep adem door haar neus. Met kracht stootte ze haar levensadem uit.
“Ik ruik het gras en voel de ochtendnevel op mijn gezicht,”zei ze tegen haar steun en toeverlaten.
Ze kreeg geen antwoord. Dat had ze ook niet verwacht, het was voor haar voldoende dat ze er waren.
Zo bleef zo mooi in evenwicht.
Aan haar linkerarm liep de hoop en aan haar rechterarm liep de dood mee.

Hoop was altijd sterk geweest en er vanaf het begin van haar ziektebed bij.
De dood was er later bij gekomen. Eerst als ongewenste gast, maar al snel was ook hij een vaste waarde in haar strijd.
Ze had gedurende haar zware weg wel talloze keren een poging gedaan de dood te slim af te zijn, hem kwijt te raken. Maar dat was niet gelukt, slim als altijd wist hij haar dan weer te vinden.
Ze had de hoop niet opgegeven maar de dood als mogelijkheid aanvaard.
Zo had ze het evenwicht gevonden.

Wat ze niet zag was dat hoop het laatste jaar wat mager was geworden. Hoop zag er wat pips uit.
Terwijl de dood er beter uitzag dan ooit, leek sterker uit haar strijd te zijn gekomen.

Ze gaf er nu even niet om, ze genoot van het moment. Heel even keek ze hoop in de ogen en glimlachte.
Ze deed zich even sterker voor dan dat ze was. Ze wilde hoop weer laten groeien, maar ze wist dat het een verloren strijd was. De steun aan haar rechterzijde voelde sterker dan ooit.
Ze leunde wat meer naar rechts wetende dat hoop het nu even moeilijk had. Ze ging op het bankje zitten en voelde de warme sterke armen van de dood haar ondersteunen.

Ze liet haar hoofd rusten op de schouders van de dood, zuchtte tevreden op deze ochtend in september en sloot haar ogen.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch