Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Eurokoorts

Door Marc Janssens

Een nieuwe start.
Breuk met het verleden, nieuwe werkkring, leuke flat.
Het leven lachte Sara opnieuw toe, maar toch…
Elke vrijdagnamiddag was er die anonieme brief met een klein geldbedrag erin.
Welke boodschap zat er achter? Wie was de afzender?

Ze haastte zich naar boven en er stond zowaar een kartonnen doos voor haar deur.
Welke zieke geest speelde dit bizarre spelletje met haar? Ze had veel zin om het pakket gewoon bij het huisvuil te kieperen, maar haar nieuwsgierigheid haalde het van haar onverschilligheid.
Haar sleutel kreeg ze amper in het sleutelgat en ze duwde de schoenendoos met haar voeten voor zich uit, wat was de doos licht, zeker geen muntstukken dacht ze nog. Met trillende vingers en naar adem happend opende ze de keurig ingepakte doos. Groot was haar verbazing toen ze plots zichzelf zag op de binnenkant van het deksel van de schoenendoos.

De foto kon ze direct thuisbrengen, het was een profielfoto van haar Facebook-account van enkele jaren terug, maar voor de rest was de doos leeg. Geen euro te bespeuren deze keer, alleen die foto van haar. Nu werd Sara pas echt bang, was het een oude kennis, een jaloerse collega, een grappenmaker, of neen misschien wel een seriemoordenaar. Ze trilde op haar benen en voelde zich helemaal wegdraaien, snel graaide ze in haar handtas op zoek naar een alprazolam, angstzweet brak uit en ze slaagde er ternauwernood in om een glas water te vullen.
Ontredderd ging ze zitten en half verdoofd bekeek ze de foto. Nu het kalmeermiddel zijn werk begon te doen en ze haar hartslag duidelijk voelde vertragen, probeerde ze zich te herinneren wanneer ze die foto gepost had. Het was best een hele tijd geleden, minstens vier jaar. Ze zag er eigenlijk best leuk uit, haar haren mooi gebleekt door de zon, fancy zonnebril op het voorhoofd, lichtjes gebruinde teint.
Plots ontwaakte ze uit haar gedachten toen haar mobieltje begon te trillen en oplichtte. Sara herkende het nummer niet maar het tekstbericht bracht haar met een schok drie jaar terug in de tijd. Er stond in hoofdletters: LOOK AT YOURSELF!

Het waren de donkere dagen van december, toen Sara het voelde opkomen. Hartkloppingen die aanhielden, het constante zweten en angstgevoelens die haar heel de dag door kwelden en haar ’s avonds de slaap ontnamen. De huisarts schreef haar een weekje ziekteverlof voor en een kwartje zolpidem om de slaap te kunnen vatten.

Eerst leek het nog een vlucht uit de werkelijkheid en had ze nog intense en euforische momenten omdat de stress op het werk was weggevallen. Maar al snel kwam die alles overheersende en inktzwarte nevel opzetten die haar stuurloos maakte van bij het ochtendbegin tot diep in de nacht. Een kwartje zolpidem hielp allang niet meer en ze besefte stilaan dat ze hier niet alleen zou uitraken en dringend professionele hulp nodig had.

Haar sociale leven stond al maanden op een schrijnend laag pitje wegens de aanhoudende werkdruk en het gepest door haar oversten. Moe was ze, uitgeput, verslagen, eenzaam, zonder perspectief. Ze voelde zich hoe langer hoe meer achterdochtig worden op het werk, in haar vriendenkring, in de supermarkt, bij de dokter. Het constante gevoel dat het niet pluis was met haar, iedereen het opmerkte en er commentaar op gaf, verlamde haar.

De reinste paranoia. Zoals die keer dat ze bij de huisarts langsging om een verlenging van haar ziekteverlof te vragen en ze overtuigd was dat de techniekers van de telefooncentrale, die in de wachtzaal aan het werk waren, speciaal voor haar kwamen om haar gesprek bij de dokter af te luisteren en dit aan haar werkgever te melden. Gek werd ze van die knagende onzekerheid en de vrees het werk terug te moeten hervatten.

Ook de dokter zag dat het van kwaad naar erger ging en raadde haar een psychiater aan. Na enkele dagen van getalm en getwijfel, had ze toch maar een afspraak gemaakt met de psychiatrische afdeling van het universitair ziekenhuis en was ze daar in handen gevallen van twee aspirant-psychiaters die haar zware antidepressiva voorschreven.

Knettergek werd ze ervan. Ze had opnieuw energie, maar de paranoia was niet te harden. Overal zag ze schijnwerkelijkheden en waande ze zich getuige van een schouwspel waar ze naar keek maar niet aan deelnam. De wereld als een één groot pervers hellevuur en zij als enige engel! Dit alles ging gepaard met zelfmoordneigingen, treinsporen opzoeken, hoge gebouwen bestuderen, autosnelwegen observeren, ingenieuze medicijncocktails bedenken en niemand om haar wanhoop aan te vertellen.

En dan de crash op een avond in januari met de neutrale melding op de radio: ‘De koers van het aandeel Aim Ressources zakt verder in en sluit op € 5,18, een verlies van 71% sinds 1 januari en 35% in twee dagen.’

De volgende dag ontwaakte ze op de gesloten afdeling van de psychiatrische kliniek na een maagspoeling en twintigduizend euro’s lichter.

Lucas heette hij en alhoewel ze de eerste dagen haar ogen bijna niet kon openhouden door de effecten van de antipsychotica, had ze hem opgemerkt tijdens het gezamenlijk eetmoment in de eetzaal. Een avondmaal wilde ze het niet noemen, het was telkens weer smaakloze charcuterie en een gebakje, beide verpakt in een cellofaantje en meestal te weinig voor iedereen, zodat er al een file ontstond aan de eetzaal een halfuur vóór het begin van de maaltijd. Een bende zielloze zombies op zoek naar een beetje genot om hun intrieste bestaan even te vergeten. Gepraat werd er niet, ieder staarde glazig voor zich uit zonder de minste drang naar sociaal contact. Te beschaamd en te moe om over de eigen situatie te praten.

Lucas was anders, hij kwam steevast te laat zodat er amper wat brood en een obligaat potje choco overbleef. Het scheen hem niet te deren, hij was lacherig en praatziek met van die heldere ogen, halflang blond haar met een natuurlijke golfslag, een beetje gezet dat wel, maar hij leek meer levenslust te hebben dan die hele bende neuroten samen.

Uiteindelijk raakte ze zowaar gewend aan het monotone ritme van het krankenhuis: ontwaken, ontbijt op kamer met pilletjes, schuifelen op de gang, zinloze bezigheidstherapie zoals inkleuren van platen of een banaal naadwerkje, middageten op de kamer, weer schuifelen en bezigheidstherapie, gezamenlijk avondeten en daarna ontspanning ofwel in de TV-zaal of in de rookruimte, rond acht uur aanschuiven voor een bekertje met pillen en daarna slapen.

Die avond zat ze moederziel wat voor zich uit te staren naar het televisiejournaal, het geluid had iets vertrouwelijk maar voor de inhoud was ze nog niet klaar, het maalde nog teveel in haar hoofd met haar eigen sores.

Plots stond hij daar, ontspannen in zijn zomershort met kaki prints en witte T-shirt, ‘Ook op de vlucht voor dat stinkend rookhol?’, vroeg hij al lachend. Verlegen kijkend beaamde ze dit want het was er inderdaad niet te harden van de verstikkende sigarettenrook en de overvolle asbakken. Sara was er slechts éénmaal geweest, en ze had het geen tien minuten uitgehouden.

Ze voelde zich blozen, en op een wat onhandige manier nodigde ze hem uit om plaats te nemen aan de tafel. Dit aanbod sloeg hij af want hij was in zijn manische periode en zitten ging hem dan niet zo af, zei hij.’ Geen zin om even mee te wandelen?’, vroeg hij. Ze stond aarzelend op en volkomen onverwachts gaf hij haar een kus pal op de mond, ze deinsde achteruit maar Lucas stak zijn hand uit . ‘Die kus is me zeker een euro waard’, zei hij kinderlijk onschuldig en hij drukte lacherig een euro in haar hand.

Het was het begin geweest van een intens verliefde periode hoe ze als twee pubers elkaars grenzen aftastten, hun eigen zorgen vergaten en zich overgaven aan onschuldige seksspelletjes met wat euro’s als pasmunt. Na de kus volgde het aanraken van haar borsten en nog wat later het afglijden naar haar warme en vochtige vagina. Hoe herboren en zorgeloos had ze zich toen gevoeld. Ze genoten van elkaars aanwezigheid en hadden weinig behoefte om uitvoerig uit te weiden over hun verleden.

Hij, kind van een rijke familie uit de antiekwereld en vooral vechtend tegen een overvloed aan megalomane ideeën en projecten. Zij, van bescheiden komaf en kind van een ongehuwde moeder, worstelend met haar verleden en als pijnlijk sluitstuk die financiële opdoffer.

Volledig van de kaart was ze toen hij van de ene dag op de andere verdwenen was uit de kliniek, ontslagen en genezen bevonden, kwam ze te weten van de verpleging. Geen telefoonnummer had ze gevraagd, geen adres genoteerd, alleen zijn lijfspreuk restte haar: LOOK AT YOURSELF!

De deurbel ging en daar stond hij in zijn fiere naaktheid, de nog altijd schalkse oogopslag en enkele kilootjes kwijt. ‘Ik heb nog een rekening te vereffenen’, zei hij alleen maar en drukte een cheque in haar handen.
‘Graag’, zei ze, en kleedde zich uit!

geen reacties
1 Poetry slam

Samen Slapen

Ben Oranje

0 Poetry slam

Ik ben net niet

Reinier Punt

0 Fictie

De dijk

Wendy Wierdsma

0 Non-fictie

Kwijt

ANJA KWARTEN

0 Fictie

Stromen

Sonja Coenen

0 Non-fictie

Als ik ga

Heidi Hulst

2 Poetry slam

kindje

Jacqueline Brouwers