Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

geur

Door Monique Bol

Geur

Ik vond hem afstotelijk. Zijn vadsige vingers tikten vaak dissonant op zijn bureau. Zijn vette grijns leek te spotten. Langs zijn gouden horloge loerden donkere haren en ook zijn nek deed vermoeden dat onder het witte hemd en dure pak een bosaap zich verstopte. Achter hem stonden een fles Jack Daniel’s en zes kristallen glazen, die ik dagelijks zorgvuldig moest afwassen, gebruikt of niet.
Was ik samen met hem in de kamer, dan lette ik erop dat de deur open stond. Zijn instructies denderden dwingend over me heen. Ze eindigden steevast met: ‘alles klaar over zesendertig minuten.’ Ik waagde het niet om bijkomende vragen te stellen en als bij wonder maakte ik nooit een fout.
Ontving hij dames, dan ging de deur dicht. Soms ging het er hevig aan toe achter het geblindeerd raam, al gaf het enkel schaduwen prijs. Altijd kwamen ze breed glimlachend weer buiten, zes minuten voor aanvang van de volgende vergadering. Het leek of hij ze een voor een afwerkte. Ik had de wildste fantasieën, maar begrijpen deed ik het niet, al haalde ik steeds vaker een korte rok uit de kast. Niet voor hem, nee, natuurlijk niet.
Zijn bureau predikte geborgenheid. De tijd die ik er in mijn eentje doorbracht, koesterde ik. Ik plaatste rozen naast de sterkedrank, herschikte telkens weer zijn boeken, zijn mappen. Het was zijn parfum dat me telkens weer naar binnen leidde. Zelfs na drie dagen afwezigheid hing het nog in de kamer, sterk en dwingend.
Hij was vaak weg, bezocht afgelegen steden als Novosibirsk en Vladivostok. Desolaat en koud, zo stelde ik me ze voor. Urenlang zocht ik in tabellen naar vlotte overstappen. Alles was goed, zolang het maar snel ging en niet via Aeroflot. Die maatschappij had hem bijna een hartaanval bezorgd tijdens een bumpy ride.

Een keer riep hij me. Ik ging zitten. Ik schreef alvast ‘Novosibirsk’ op en wachtte op instructies voor een handelsmissie samen met de kroonprins, en dus uitzonderlijk in eerste klas. Hij kuchte, stond op, sloot de deur en draaide de sleutel om. Hij nam mijn notablok en vulpen en legde ze weg, kwam achter me staan. Ik voelde zijn adem in mijn hals, zag hoe de haren op mijn blote armen overeind kwamen.
Een vinger gleed over mijn huid – hij raakte me amper aan. Zijn geur bedwelmde me, mijn buik werd week en ik slikte hoorbaar. Ik dacht, dit is fout, maar ik sloot mijn ogen. Hij fluisterde in mijn oor, aaide onophoudelijk met lichte vingers in steeds grotere cirkels langs mijn hals, mijn schouders, mijn rug. Kuste mijn sleutelbeen. Toen hij langs het seersucker heen mijn tepels aanraakte, kreunde ik. Zijn hand kroop onder mijn blouse, vond harde knoppen en kneedde die vastberaden. Mij werd de adem afgesneden. Ik sidderde tot in het diepste van mijn vrouwelijkheid.
Zijn gewicht drukte zwaar op me. Hij trok me overeind, bleef achter me staan, streelde mijn linnen rok, kriebelde de binnenkant van mijn dijen. Ik hield het niet meer. Hij draaide me naar zich toe, kuste me zacht op de lippen, vond mijn tong. Ik zuchtte in vervoering, opende mijn ogen. Een varkensoog knipoogde achter weckpotglas. Ik verstijfde, fatsoeneerde mijn blouse op weg naar de deur, opende ze. Gehaast pakte ik mijn tas en verdween, zonder zelfs mijn computer uit te zetten.
Daags nadien werd ik overgeplaatst. Jaren later zoek ik nog steeds. Op luchthavens en in parfumerieën ruik ik aan teststrookjes. Te pas en te onpas besnuffel ik mannen. Hoorbaar.

Zijn geur heb ik nooit teruggevonden.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch