Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Hap

Door Anje Gnodde

Hap

De hele klas is jaloers op me. Allemaal zouden ze nu in mijn plaats naast Ruud in het kopieerhok willen staan.
‘Zijn we er klaar voor, Nick?’ Ruud duwt zijn arm tegen mijn arm.
Ik zet een stap bij hem vandaan. Dat kan nog net. Meer ruimte is er niet in het hok.
Het kopieerapparaat begint ratelend blaadjes uit te spugen. Steeds een stapeltje van vijf. Ik moet ze eruit pakken en nieten.
‘Jongens, dit is Ruud onze nieuwe stagiair,’ zei juf Loes aan het begin van het nieuwe schooljaar. ‘Laten we met z’n allen zorgen dat hij zich snel thuis voelt bij ons op school.’
Een week later zei Ruud dat hij een kopieerhulp nodig had. Hij koos mij.
Alle jongens willen met hem voetballen. Alle meiden ook. Iedereen wil ineens blauw met gele sneakers, net als die van Ruud.
‘Teamwork,’ zegt Ruud.
Ik pak een stapeltje papier uit het kopieerapparaat en zeg niets terug. In het begin dacht ik nog dat ik geluk had en dat dit leuk zou zijn.
‘Had je dinsdag echt buikpijn Nick, of had je gewoon geen zin in gym?’
Hij doet het weer. Alles wat ik deze week heb gezegd, heeft hij opgeslurpt. En hier in het hok krijg ik mijn woorden weer terug. Maar dan zijn ze veranderd. Hij is er de baas over geworden.
Hij lacht. ‘Grappig hoe wij op elkaar lijken. Ik hield vroeger ook niet van gym.’
Mijn rug wordt warm. En daarna mijn nek.
Vorige week zette ik de deur open. Ruud trok hem weer dicht. ‘Teveel lawaai voor de anderen,’ zei hij, ‘en zo is het toch veel gezelliger?’
Vijf blaadjes, nietje erdoor, bovenop de stapel. Ruud staat te wachten tot hij het volgende papier in het apparaat kan stoppen. Hij heeft helemaal geen hulp nodig, hij kan dit gemakkelijk in zijn eentje doen. Wat zou juf Loes zeggen als ik dat aan haar vertel? Zou ze me geloven?
Hij kijkt naar me. Niet terugkijken. Blaadjes pakken.
Mijn stapel groeit. Misschien zijn we bijna klaar.
Ruud rekt zich uit en legt zijn hand op mijn schouder. ‘Even pauze.’
Ik trek mijn schouder weg.
‘Met wat lekkers.’ Ruud loopt het hok uit en komt terug met de koekjestrommel uit de koffiekamer van de meesters en de juffen. ‘We hebben wel wat verdiend, vind je niet?’
In de trommel liggen volkorenkoekjes. In het midden ligt één roze koek.
Ruud pakt een volkorenkoekje en houdt de trommel onder mijn neus. ‘Toe maar, pak maar.’
Mag dat?
Ruud neemt nog een volkorenkoekje en knikt naar mij. ‘Hoef je niet?’
Het roze laagje knapt tussen mijn tanden als ik een hap van de koek neem. Ruud houdt zijn hoofd een beetje scheef en kijkt kauwend naar mijn mond, mijn ogen en dan naar mijn haar.
Hij trekt één mondhoek omhoog. ‘Als het straks pauze is, willen ze in de koffiekamer natuurlijk allemaal weten wie die roze koek heeft opgegeten. ‘Hij knipoogt naar me. ‘Ons geheimpje.’
De roze koek smaakt ineens naar oud brood.

Anje Gnodde

geen reacties
0 Fictie

Rauwe pijn

Sahar Noor

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam