Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Het cadeau

Door Helena van Lare

Hij vroeg voor zijn zestigste verjaardag een digitale camera. Nou ja, het was niet echt vragen. We waren het erover eens dat dat zijn verjaardagscadeau was, en hij ging ‘m zelf kopen, al een week voordat hij jarig was. Een Canon was het, ik weet niet welk type of zo, ik heb geen verstand van die dingen. Het was een compact toestelletje, maar toch behoorlijk prijzig.We vonden dat hij voor zo’n mijlpaal, je zestigste verjaardag, dat hij daarvoor best een keer uit de band mocht springen. Jezelf kietelen noemt zijn zus dat – ik vind dat een beetje een rare uitdrukking. Hoe dan ook. Jan was in de wolken met zijn Canon. Hij kwam ermee thuis en las meteen de gebruiksaanwijzing van voor tot achter. De eerste foto die hij maakte was van die gebruiksaanwijzing, hij hield het boekje in zijn linkerhand en maakte met zijn rechterhand de foto. Het doosje op tafel waar de camera in zat, staat er ook nog op.

De volgende dag maakte hij tijdens het ontbijt een foto van zijn bord. Er lag een halve geroosterde boterham met jam op, en kruimels. Ik zei, je maakt nu geen foto van mij hoor, want ik zat nog in mijn ochtendjas met ongekamde haren. Na het ontbijt deden we samen de afwas, ik waste, hij droogde af, en als hij met een bord of kopje naar de kamer liep om het in de servieskast te zetten maakte hij gauw weer een foto. Ik was blij dat hij er zo enthousiast over was, dat zei ik ook tegen hem. Ik zei, er zijn ook fotografiecursussen, ik heb er al vaker over gelezen in het krantje, misschien is dat wel leuk om te doen. Maar dat heeft hij nooit gedaan, een cursus volgen.

Hij zocht wel informatie over fotograferen op internet. Jan is daar heel handig in, hij heeft op kantoor natuurlijk met computers gewerkt. Toen hij thuis kwam te zitten hadden we er ook gauw genoeg een in huis, met internet en alles. Het is aan mij niet zo besteed, de computer. Ik word er zenuwachtig van, ik ben bang ben dat ik de verkeerde dingen doe en dat er dan van alles misgaat. Hoe je die Afbeeldingen opent weet ik nou in principe wel, maar echt handig ben ik er nog niet in. Jan heeft het me één keer uitgelegd, niet lang nadat hij die camera had gekocht. Hij liet me toen op de computer het mapje met de foto’s van zijn ochtendwandeling zien. Hij ging na het ontbijt altijd wandelen met de hond, zomer en winter, weer of geen weer. Toen hij die camera had, nam hij die natuurlijk mee. De eerste keer had hij Rakker gefotografeerd, met een stok in zijn bek. En ook de stok in zijn eigen hand, hoog in de lucht. Je zag alleen de lucht en het bovenste stuk van een lantaarnpaal, en dus die stok in zijn hand. Ik had eigenlijk iets anders verwacht. Bomen,de vijver met de eenden, mooie plaatjes van het landschap, weet je wel? Maar die zaten er niet bij. Hij had wel een foto van zijn schoenen, ik dacht dat het per ongeluk was, maar dat had hij dus zo bedoeld. Ik weet niet of hij daardoor beledigd was. Na die ene ochtend liet hij me nooit meer een foto zien op de computer. Ik vroeg er ook niet naar. Ik vond het gewoon fijn voor hem dat hij een nieuwe hobby had.

Die camera werd een soort onmisbaar ding. Net als sleutels, portemonnee; als je de deur uitgaat controleer je toch even of je alles bij je hebt. Zo ging Jan nergens meer naartoe zonder zijn toestelletje.

Hij werd er ook actiever door. Niet dat hij dat eerst niet was, Jan is altijd een doener geweest, die kan niet stilzitten. Maar met die camera ging hij nog vaker de deur uit dan eerst. Te voet, maar ook wel op de fiets of met de auto. Dan vroeg ik wel waar hij geweest was. Meestal niks bijzonders. Een potje biljarten in het buurthuis, een kopje koffie drinken bij zijn zus, of hij had bij een voetbalwedstrijd van Heren 1 langs de lijn gestaan. Soms vertelde hij wel malle dingen, hij had bijvoorbeeld een keer langs de snelweg bij McDonalds een frietje zitten eten, zomaar, terwijl ik gewoon kookte die dag. En hij is een keer bij een reisbureau naar binnen gestapt, om te kijken wat er allemaal mogelijk was. Niet dat we vakantieplannen hadden hoor, want ik ben nou eenmaal geen wereldreiziger. Eigen haard is goud waard zeg ik altijd, want zo is het voor mij.

Maar goed, het was dus niet zo dat ik er rare gedachten van kreeg, van die uitstapjes van Jan. Daar was geen aanleiding toe, hij deed eigenlijk wat hij altijd deed, alleen nam hij die camera mee. Waar ik op een gegeven moment wel mijn bedenkingen bij had, was dat hij ook vaker achter de computer zat. Echt veel vaker, bedoel ik. Ik kijk ’s avonds altijd tv, en Jan keek meestal mee, of hij las de krant. Maar opeens zat hij iedere avond achter dat ding. Eén keer ging ik kijken wat hij zat te doen. Ik moet toegeven dat ik expres zachtjes op hem toe geslopen was, ik vertrouwde het gewoon niet helemaal en ik wilde het met mijn eigen ogen zien, snap je? Eerlijk gezegd was het wel in me opgekomen dat hij misschien naar allerlei viezigheid zat te kijken. Al kon ik me dat ook weer niet voorstellen, dat is niks voor Jan. Maar je weet het niet, op zo’n moment. Dus ik sloop naar hem toe en stond opeens achter hem. Hij vloekte van schrik, hij had me niet horen aankomen. Het hele scherm stond vol met die mapjes van Afbeeldingen, hij was gewoon met zijn foto’s bezig. Ik zei sorry en ging weer verder met tv kijken.

Een paar weken geleden begon hij over financiële zaken, pensioen en verzekeringen en zo, dat alles goed geregeld was. Dat wist ik ook wel, die dingen kon ik gerust aan Jan overlaten. Ja, maar stel dat ik er over een tijd niet meer ben, zei Jan. Ook dan hoef je je geen zorgen te maken, zei hij. Hij had alles goed geregeld. Ik maakte een grapje, ik zei: je ziet er niet uit alsof je er ieder moment tussenuit kan piepen. Maar Jan kon er niet om lachen, hij bleef heel ernstig. Hij begon over Frans, de man van Netty, weet je wel, die is vorig jaar plotseling overleden. Ik zei tegen Jan dat Frans ook veel te zwaar was, dat hij zich geen zorgen hoefde te maken want hij had zelf een ijzeren gestel, hij was goed gezond, dat zei de dokter ook bij de jaarlijkse check-ups. Zestig jaar en nog nooit iets gemankeerd. Maar Jan ging er over door, hij zei dat Frans heel graag met de camper had willen gaan reizen als hij gestopt was met werken. Dat was ook zo, Frans en Netty hadden al jaren een camper waar ze in de zomer mee op vakantie gingen, naar Frankrijk en Zwitserland en Duitsland. Hij had grotere reizen willen maken, zei Jan, maanden onderweg zijn, Zuid-Europa, Oost-Europa. Grootse plannen. Ik zei, Jan, je hoeft je geen zorgen te maken. Jij gaat niet zomaar dood. Je wandelt iedere dag met de hond, je rookt niet; jij kunt wel honderd worden.

Dat was op een zondag. Precies een week voordat hij ging.

Ik kwam om tien uur beneden. Jan had al met de hond gewandeld en de ontbijttafel gedekt, zo deden we dat elke zondag. Dus ik kwam beneden en de tafel was gedekt. Rakker lag op zijn kleedje uit te rusten. Maar Jan was nergens te bekennen. Op zijn bord lag een envelop, met mijn naam erop. Ik dacht eerst dat het een verrassing was. Iets speciaals, dat ik moest openmaken als we samen aan tafel zaten. Maar weet je wat het was? Een brief, met een foto. Hij schreef dat hij zijn horizon ging verbreden, doen wat hij graag wilde doen nu het nog kon. Dat hij had gezorgd dat het me aan niks ontbrak en dat ik de dingen kon blijven doen zoals ik ze graag deed. En in de map Afbeeldingen kon ik Jan vinden als ik daar behoefte aan had, zo stond het er letterlijk. Jan zat in de mapjes met foto’s op de computer. De foto in de envelop was die ene van zijn bord, met de halve boterham en kruimels.

geen reacties
1 Poetry slam

Samen Slapen

Ben Oranje

0 Poetry slam

Ik ben net niet

Reinier Punt

0 Fictie

De dijk

Wendy Wierdsma

0 Non-fictie

Kwijt

ANJA KWARTEN

0 Fictie

Stromen

Sonja Coenen

0 Non-fictie

Als ik ga

Heidi Hulst

2 Poetry slam

kindje

Jacqueline Brouwers