Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Je bent er

Door desiree van boxtel

Als ik terugkom van de glasbak is hij thuis. Ik voel dat mijn hart sneller begint te slaan en ik begin te hijgen. Dat heeft hij snel gedaan, want lang kan ik niet zijn weggeweest. Ik heb de rollator thuisgelaten en alleen mijn stok gebruikt. En ik heb met niemand gesproken. Dat weet ik zeker. Dat was toch gister, dat praatje met Grietje van twee huizen verder? Toen Grietje me vertelde over haar pop? Ja, dat moet gister zijn geweest. Het regende, en vandaag is het stralend weer.

Mijn lieverd is terug! Ik kan niet wachten hem te spreken. Ik zie hem vanuit de keuken in de tuin. Hij ziet mij niet, hij is druk met zijn eigen dingen. Dat heeft hij altijd gehad. Altijd maar werken in zijn tuin. Hij is er dol op. Vroeger, toen het huis nog vol kinderen was, kweekte hij tomaten met ze, en komkommer. Pompoenen en zonnebloemen. Hele dagen in de tuin. De meest zorgzame man die ik ooit heb ontmoet.

Geen tranen nu, oudje! Berg je spullen op, zodat je naar hem toe kunt. Ik schuifel van het keukenraam naar de tafel. Doris wil dat ik ook in huis de rollator gebruik. ‘Anders vind ik je op een dag op de grond, mam.’ Maar ik wil het niet. Ik ben altijd sterk geweest en moet nu niet toegeven aan die duizelingen, of aan de angst om te vallen. Even verlies ik bijna mijn evenwicht, maar ik bereik de tafel ongedeerd en ga zitten om de plastic tas waarin het lege potje zat op te vouwen. Ik schuifel naar de kelderkast waarin ik de plastic zakjes bewaar en haal diep adem, niet omdat de inspanning te groot is, maar om de frustratie om zoveel verloren kracht weg te zuchten. Bijna klaar nu, dan kan ik eindelijk naar buiten. Mijn schat begroeten, mijn handen door zijn haar laten gaan, een kus op zijn hoofd geven, en als hij het niet te druk heeft misschien even in een dichte omhelzing tegen hem aan staan. Maar de telefoon doorbreekt mijn geluk.

‘Dag oma, met Roos. Ik dacht: ik bel u eens even op, het is alweer zo’n tijd geleden. Hoe gaat het met u?

Doris. Maar hoe noemt ze zich nu? Ze zal wel weer een nieuwe naam voor zichzelf verzonnen hebben. Dat doet ze geregeld. Ze speelt vanmiddag met Annie, denk ik, dat leuke meisje uit haar klas. Die twee verzinnen de gekste dingen samen.

‘Bent u daar nog, oma?’

‘Ja hoor kind. Maar ik moet nu ophangen. Papa is thuis.’

‘Papa? Bedoelt u opa?

‘Ja ja, natuurlijk kind.’

‘Maar opa is toch al lang dood, oma?

Ik geloof mijn oren niet, maar besluit maar te lachen. ‘Wat zeg je nou liefje? Is papa dood? Nee hoor! Kom maar gauw kijken, hij werkt in de tuin. Ik zie hem met mijn eigen ogen staan, door het raam. Maak je geen zorgen. Dag kind, tot straks.’

Naar buiten nu. Ik ben een beetje van de kaart door het vreemde gesprek met mijn dochter van zojuist en besluit dit keer de rollator te gebruiken. Hij is helemaal achter in de tuin, dus ik moet het hele pad af. Hij ziet me nog steeds niet als ik de rollator over de drempel heb getild en zijn richting uitrol. Hij is bezig met de beukenhaag. Wat is hij mooi. Ik kan me na al die jaren nog levendig voor de geest halen hoe ik schrok, die keer toen hij zich naar me omdraaide op de kermis, en ik voor de allereerste keer in zijn lachende blauwe ogen keek. En direct na de schrik mijn rode konen, de zenuwen, het niet uit mijn woorden kunnen komen. Ik wist op slag wat verliefd zijn betekent. En ik ben dankbaar dat ik dat gevoel tot op de dag van vandaag mag ervaren. De liefde voor hem maakt me nog net zo licht in mijn hoofd als toen.

Ik ben aan het einde van het pad, bij de beukenhaag. Waar is hij nu? Ik zie hem niet. ‘Lieverd, waar ben je?’ vraag ik zachtjes, maar ik krijg geen antwoord. Dan zie ik hem. Hij hupt van een takje diep in de haag naar een takje dichterbij. Hij pikt iets van een blaadje, een wormpje?, en werkt het met een wipje van zijn snavel naar binnen. Dan kijken zijn prachtige ogen me aan. ‘Dag lieverd, daar ben ik weer, ben je lekker aan het werk?’

geen reacties
0 Fictie

Rauwe pijn

Sahar Noor

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam