Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Je moet niet zo stoer doen

Door Shannon Vollemans

Alle kinderen wisten dat hij een kinderlokker was, zelfs de allerkleinsten. Laura geloofde de verhalen niet, ze was de man een aantal keren tegengekomen in het dorp en hij had haar altijd vriendelijk begroet. Ze had een plan bedacht waardoor ze niet langer het pispaaltje van de klas zou zijn. Met Francesca, het populairste meisje van de klas zou ze naar de hut gaan waar hij woonde. Laura had er weken over gedaan om de hut te vinden, ze had ontelbare uren rondgestruind in het bos, maar nu kende ze de paden.
‘Ben jij bang voor de man in de hut?’ vroeg ze aan Francesca. Het was zeldzaam dat ze iets tegen haar zei, ook al stond Francesca’s bureau achter de hare. Het geroezemoes in de klas verstomde direct. Francesca was Laura’s buurmeisje, ze waren hun hele leven vriendinnen geweest, tot aan de middelbare school. Hoe populairder Francesca werd, hoe heviger hun vriendschap verschrompelde. En dat allemaal om een stel tieten, dacht Laura, wiens lichaam nog niet zo ver ontwikkeld was.
‘Tuurlijk niet,’ antwoordde Francesca, ‘maar jij zou het wel moeten zijn, jij ziet er nog uit alsof je elf bent.’ Haar klasgenoten begonnen te lachen maar dat hinderde Laura niet.
‘Ga met me mee naar vanmiddag, naar zijn hut.’ Laura keek uitdagend in Francesca’s samengeknepen ogen. ‘Of is dat toch te spannend voor je?’
‘Heb je aandacht nodig?’ siste Francesca, ‘alleen jij kan zoiets bedenken. Prima, ik ga met je mee, maar verwacht niet dat ik je handje ga vasthouden, pissebed.’

Zwijgend waren ze het bos in gelopen. Een eekhoorn sprong over een tak vlak naast hen, Francesca sprong van schrik op.
‘Zie je wel,’ zei Laura, ‘je bent nog altijd hetzelfde mietje. Jij vond de lion king al te eng om naar te kijken. Ik snap niet hoe je zo’n kreng geworden bent,’ zei Laura.
‘Jij snapt sowieso nergens iets van,’ snauwde Francesca.
‘Wat bedoel je daar nou weer mee?
‘Laat maar,’ zei Francesca, ‘het is alleen… Ik ben echt niet zo mietje als jij denkt.’ Laura zag dat Francesca haar gezicht afwendde.
‘Zal wel,’ zei Laura. Ze voelde hoe haar handen begonnen te zweten en haar voeten zwaarder werden, ze wist dat de hut niet ver meer was. Het bos prikkelde haar zintuigen. De frisse geur opende haar luchtwegen, de stilte maakte haar rustig. Ze ademde diep in en keek om zich heen. Ze kon de hut in de verte zien, hij stond in de schaduw van drie brede dennenbomen. De hut zag er verwaarloosd uit, de ramen waren gebroken en de donkerbruine verf bladerde van de wanden af. Haar borstbeen begon pijnlijk te drukken. Ze liep steeds trager.
‘Kom je nog?’ vroeg Francesca ongeduldig.
‘Ja, ja…’ Na een paar minuten stonden ze onder de dennenbomen.
‘Zullen we om de hut heen lopen en door het raam kijken of we hem zien?’ vroeg Laura. Francesca’s onderlip trilde, een trekje dat ze kreeg wanneer ze bang was, wist Laura. Perfect, dacht ze. Het was haar vurige wens om een gênante foto te maken van Francesca bij de hut. Dat was goud waard.
Laura liep voorop naar het raam. Het was donker binnen, ze volgde de contouren van de meubels maar ze zag de man niet. Ze drukte haar voorhoofd tegen het raam om meer te kunnen zien, waardoor het raam kraakte.
‘Wat doe je?’ siste Francesca zacht. Laura haalde haar schouders op.
‘Laten we gaan,’ zei Francesca, ‘ik had niet met je mee moeten gaan.’
‘Je moet niet zo bang doen, er is toch niks aan de hand. Jij maakt altijd overal…’
Maar Laura maakte haar zin niet af. Vlak voor hen doemde het gezicht van de man op, hij keek hen grijnzend aan. Francesca krijste. Laura voelde hoe haar buik bevroor en haar huid zich samentrok tot kippenvel op haar armen en benen. Ze stond aan de grond genageld, maar Francesca was haar voeten niet vergeten en trok haar aan een mouw mee het bos in. Ze renden hard zonder te kijken waar ze heen gingen. Achter hen hoorde ze een deur dicht vallen, Laura keek om en zag de man voor zijn voordeur staan. Plots lag ze op de grond, een pijnscheut schoot door haar linkerbeen. Ze krabbelde overeind en zocht naar de man die ze niet meer kon vinden. Francesca knielde naast haar neer, haar ogen stonden wijd open. Een tak had Laura gesneden tijdens de val, straaltjes bloed liepen over haar onderbeen, de druppels vielen ritmisch neer op het droge zand.
‘Wat moeten we nu?’ vroeg Francesca. Haar blik schoot van Laura’s bloedende been naar de verscholen hut in de verte.
‘Geef me je haarband,’ zei Laura. Met trillende vingers trok Francesca de haarband los en gaf hem aan Laura, die de haarband om haar been vastknoopte.
‘Help me.’ Wankelend ging Laura op haar benen staan. Francesca ondersteunde haar. Ze zetten een paar passen. Tranen stroomden over Laura’s wangen.
‘Het gaat niet…’
‘Waarom keken jullie door mijn raam?’ Zijn lage stem galmde tussen de bomen, de man liep op hen af. Hij liep met zware stappen alsof hij hen wilde vertrappen. Zijn blik bleef rusten op de bebloede haarband. Fuck, dacht Laura, hij heeft ons ingehaald.

‘Ik neem jullie mee naar mijn hut,’ zei de man, ‘die wond moet verzorgd worden. Daarna breng ik jullie naar huis.’ Zijn linkerarm gleed achter Laura’s rug langs, zijn rechterarm duwde hij tegen haar knieholtes aan. Hij tilde haar op, Laura gilde van de pijn. Elk molecuul in haar lichaam wilde vluchtten van hem en zijn zurige stank, maar de pijn hield haar tegen. Ze zocht wanhopig naar Francesca tot ze haar zag staan, haar bleke gezicht met de trillende lippen. Ze stootte haar elleboog zo hard als ze kon in de buik van de man.
‘Ren,’ schreeuwde ze. ‘Ren Francesca!’
‘Dus jij bent een vechter,’ zei de man. Langs zijn schouders zochten haar ogen Francesca, ze zag haar wegrennen over het pad dat Laura zo vaak bewandeld had.
De man nam haar mee naar zijn hut. Hij legde haar neer op een houten tafel, boog zich over haar heen, drukte zijn hand om haar hals en zei:
‘Jij bent naar mij toegekomen. Jij wilde dit. Als je iets flikt dan wurg ik je.’ Ze sloot haar ogen alsof ze een dode was en wendde haar gezicht af. Ze dacht aan haar veilige slaapkamer met de behangstrook van roze olifanten op de muur, terwijl hij haar naar zich toe trok. Ze hoorde hoe hij de knoop van zijn broek losmaakte en de rits naar beneden trok. Ze voelde hoe hij haar korte broek naar beneden probeerde te trekken, ze snikte. Harde stappen kwamen op hen af, Laura opende verbaasd haar ogen. Ze zag nog net hoe Francesca een sprong maakte en met een dikke tak de man zijn achterhoofd sloeg. Zijn schedel begon te bloeden terwijl zijn lichaam verslapte. Hij viel zo plomp op de grond, dat het leek alsof de zwaartekracht was weggevallen. Straaltjes zweet gleden van Francesca’s bleke gelaat, ze keek vol afkeer naar de man.
‘Hakuna matata, klootzak.’

8 reacties

Dima Shishkin

zaterdag, 22:09

Such a nise text! Can I say you something in Facebook, Shannon?

Luuk

zondag, 14:17

Met pit. Lekker.

Marieke

vrijdag, 17:22

Indringend verhaal. En er zit een mooie vaart in. Ben inderdaad ook erg benieuwd naar hoe het verder gaat!

Tony

donderdag, 20:26

Prachtig geschreven, Shannon.
Mooie opbouw en mooi einde.

Marjolijn

donderdag, 15:41

Geweldig geschreven. Heftig verhaal met een spannend einde. Het liefste wil ik doorlezen!

Aukje Buurlage

woensdag, 18:50

Adembenemend spannend en dat in zo’n kort stukje. Kijk uit naar het boek. Succes.

Alex

woensdag, 16:04

Topverhaal, Shannon. Benieuwd naar het boek!

Wendy

woensdag, 15:15

Super geschreven, spannend en je wilt graag verder lezen….maar ik was helaas al aan het eind.

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch