Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Kerstmis

Door Frank Pardaan

Kerstmis

“It ‘ll be lonely, this Christmas”, klinkt uit de radio, maar dat geldt niet voor mij. De kinderen zijn gekomen en zelfs mijn ex is over de vloer. Hij voelde zich eenzaam, zei hij. Liever zag ik hem dood, want het is een grote lul, maar goed, de kinderen drongen aan. Ik heb hoofdpijn en stress, gauw een pil genomen.
De kinderen spelen Monopoly in de voorkamer. Terwijl ik in de keuken de kalkoen wil aansnijden komt hij bij mij. Hij is dronken, als vroeger. Aan alles merk ik het. Waterige ogen en hij ademt zwaar door zijn neus. Hij wil mij kussen, zijn hoofd nadert de mijne. Zijn mond opent zich. Het draadje speeksel dat zijn lippen verbindt breekt. Ik ruik een zurige lucht uit zijn mond.
Ik wil hem niet en probeer hem weg te duwen, maar het lukt niet. Zijn handen hebben mijn billen stevig omvat en drukken mijn lijf tegen zijn kruis. “Rot op godverdomme, we zijn niet meer getrouwd” zeg ik wurmend. Het is zinloos, dronkenschap kent geen mededogen. Zijn ogen sluiten zich, zijn lippen hebben de aanval ingezet. Ze komen steeds dichterbij, in zijn mondhoeken zitten wolkjes speeksel.
“Merry Christmas, everyone” zingt de radio vrolijk.
Ik probeer mijn armen tussen onze lichamen te wrikken, maar zijn kolenschoppen drukken onze lichamen stevig samen. Ik wil zijn zoen ontwijken en gooi mijn hoofd naar achter, maar zijn lippen drukken vochtig in mijn hals. Ik ril, versteend, langs mijn ruggengraat waait een ijskoude wind. Zijn lippen zuigen krachtig, gadver, ik wil geen rode vlekken. Zijn lippen glijden omhoog naar mijn mond, een vochtig spoor in mijn hals achterlatend. Zijn zware neusadem wordt steeds luider.
Uit de voorkamer klinkt vrolijk kindergelach.
Ik worstel en graai om mij heen. Mijn vingers vinden het mes dat op het aanrecht ligt. Ik grijp in het lemmet, het snijdt in de muis van mijn hand. Ik laat los en grijp opnieuw, nu heb ik het heft te pakken. Ik voel geen pijn.
Met mijn naaldhak stamp ik op zijn voet, waarna zijn greep verslapt. Voordat hij zijn pijn kan uitschreeuwen, haal ik uit en maak een rode streep over zijn hals, van links naar rechts. Direct rolt er een golf bloed met grote kracht naar buiten, recht in mij gezicht. Daarna een tweede golf en nog een. Ik hoor reutelen, het bloed blaast belletjes. Zijn lijf wordt slap, leunt tegen mij aan en glijdt vervolgens langs het mijne naar beneden, een breed rood spoor achterlatend op mijn kerstkleding. Op de grond maakt het schokkende bewegingen. Zijn voet schopt een aantal malen tegen de koelkast. Zijn pas gepoetste schoenen maken zwarte vegen op het parket. Zijn ogen rollen, zijn mond hapt lucht. En dan is het stil, zijn ogen bewegen niet meer en loeren met een strakke blik onder mijn rok.
“Wat doe je, mam?” klinkt het. Ik hoor de voetstappen van de kinderen.
De vaatwasser piept, de tussentijdse afwas is klaar.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch