Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Mijn laatste brief

Door Vanessa Geerardyn

Al vorens ik begin aan deze brief zal ik jullie mij moeten verontschuldigen voor het feit dat ik deze brief in het rood schrijf. De inkt dat ik gebruik is namelijk m’n eigen bloed. Ik had het bloed van de gestorven persoon naast mij kunnen gebruiken maar dan zou het onze brief zijn. En dit is mijn laatste brief. Egoïstisch? Misschien. Maar tegen de tijd jullie deze brief lezen ben ik al lang versmolten met een hoop bruine smurrie die men aarde noemt. Enkel mijn botten gaan jullie terugvinden en dan zullen jullie merken dat m’n benen en ribben gebroken waren.

Maar goed, deze brief schrijf ik dus voor… Ik heb geen flauw idee. Als ik een vrouw had zou ik haar liefdevol schrijven en zou zij dan later aan onze kinderen vertellen hoe ik gestorven ben voor dit vaderland. Maar die heb ik dus niet. Naar m’n moeder? Een mooie cliché, maar die is waarschijnlijk allang verkracht en vermoord door de Duitsers. M’n vader? Wel als ik het figuurlijke letterlijk zou nemen moet ik schrijven voor de grond waar ik nu op zit. Dit slaat ook nergens op. Ik hou deze brief wel voor de eerste persoon die het vindt.

Om een beeld te geven van mijn situatie. Ik zit in Langemark , dichtbij Ieper. Ieper is al ingenomen dus het zal niet lang meer duren voor ze hier zijn. Te laat om mij al dan niet te redden, te vroeg voor mijn brief. Ik wil op z’n minst dat mijn bloed opgedroogd en zwart is als de dood waarin ik straks beland. M’n kameraden zijn ook één voor één gesneuveld. Figuurlijk dan want letterlijk waren het er vier in één keer en één door een mijn. Ik zag hem in duizenden stukjes spetteren. Sorry voor mijn woordgebruik maar ik geef liever de harde realiteit. Ik kon hem weer in elkaar stekken als een lappenpop maar net als glas zou het broos blijven en enkel maar pijn doen bij iedere stukje ik opraap. M’n laatste kameraad weet niet dat ik hier lig. Toen de Duitsers het andere front innamen zijn ze het hier op een lopen gezeten. En op zo’n moment zijn we allemaal egoïstische klootzakken. En terecht! Ik snij mijzelf ook liever dan het bloed te gebruiken van die kerel naast mij.

Ik hoor de bommen naderen en modder wegspatten door naderende voetstappen in de modder. Snellere en sneller. Voor zover ik Duits kan verstaan hoor ik een commandant “laugfen!” (lopen) roepen. Bommen belanden nu enkele meters van mij en het geluid ervan doet mij denken aan het geluid als men vuurwerk afvuurt. Ik sluit mijn ogen en denk dat iedere bom in duizenden kleuren uiteenspat en zich over de hemel verspreidt.

epiloog

Een laatste bom valt op mij en ik val uiteen in duizenden stukken die zich weliswaar niet in de hemel, maar op de grond verspreiden. M’n brief was nog niet af, net als m’n leven die nu versmolten is met m’n vaderland en samen met mijn brief die zwart is van het opgedroogd bloed.

17 April 1915

War isn’t over yet. But so is my life.

geen reacties
0 Fictie

Rauwe pijn

Sahar Noor

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam