Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

plein

Door Marijke Jasperse

Daar. Op die plaats. Aan het raam. Op de eerste verdieping. Het uitzicht op het plein.

De hele wand is van glas. Van aan het trottoir tot aan het dak. Er zijn geen muren. Het is een constructie. Van balken en glas. Metaal en glas.

De lucht is doemp(ig). Het regent. Prachtig op het raam.

Mensen. Op en rond een bankje. Ook drie honden. Ondanks de regen. Bier ook. Grote blikken. Gasboetes. Niet meer in het nieuws. Ook niet hier. Schijnbaar.

Er staat een vrouw bij het groepje. Rechtop. Voor zover het gaat.
Haar gezicht. Niet zomaar mager. Alsof het vlees er afgesneden is. Vuil haar, dun.
Een te grote jas. Of te mager lichaam.
Geen contoeren van benen in de jean. Hoe mager is dat?
Waar komt de kracht om te staan nog vandaan?

Haar ogen. Donker. Misschien lichtblauw. Maar te diep in de kassen daarvoor.

Een regenkap op haar schouders. Natte nek.

Het lijkt alsof ze daar al heel de nacht staat. Zo. Kleren. Zonder lichaam. Schijnbaar.
Met een hoofd er op.

Zou ze opgestaan zijn? Die ochtend? Hoe? Vanop de grond? In een kamer? Matras zonder bed? Het kan haast niet. Bij deze figuur. Warme ruimte. Koffiearoma. Boxspring en onderstel. De kou. Het vuil. Het moet haast wel. Een naald. Naalden. Ontlasting.

Voordeur open. Voordeur toe. Straat. Plein.

Hij. Gebogen schouders. Gedoken houding. Veel te verbergen.
Handen in zakken. Handen er uit. Handen vol. Handen leeg. Weer vol. En terug in zakken.
Dealer.
Schurk en of opportunist? Rader.

Momént van de dag. Of toch bijna. Aanloop ernaar eerder.
(Erg) kort genot. (Onherroepelijke) vernieling des te meer.

Ooit. Ook twee cellen. De ene binnengedrongen. In de andere. En dan delen. Telkens tot de juiste hoeveelheid. Voor het vormen van de rug, de armen. Dat hoofd, die nek.
Ontdeelt de drug? Tot geen benen in een broek? Een hoofd zonder lichaam.
Het haar deelt voort. De nagels ook.
Wat heb je daar in godsnaam aan.

Dan toch. Verzet zij zich. NIET verzét. Slechts haar voeten. Schoenen onder een broek.
Van links naar rechts. Tot volledig gekeerd naar hem.

Het handenspel. Bij haar. Ook bij de anderen. De apathie doorbroken. Zeer kortstondig.
Het moet gezegd. De drug brengt leven. Grootste tegenspraak. Misschien.
Wat zou het? Voor haar.

De haat.
De walging.
De afkeer.
De strafbaarheid.
De overlast.
Allemaal. In één pakket. Erbij.
Dat is toch mooi. De vrijgevigheid ervan.
Werkelijk. Is dat ooit bewierrookt?

Die vuile schoften ontsieren het plein.

De gulheid van de belediging hiervan. Volledig onderkend.

Een werkpunt.

Zij.
Ik heb niet opgelet.
Is weg.

De regen, prachtig op het raam, nog steeds.

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch