Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Relato de un suicidio accidental (Een mislukte zelfmoord)

Door Axel Van der Mersch

‘Wat een heerlijke dag!,’ dacht Miguel, ‘een perfecte afsluiter’. Hij ontdeed zich van zijn schoenen en sokken en krulde zijn tenen in het zand, hij sloot zijn ogen en genoot van de frisse avondwind, hij liet het geruis van de golven tot zich binnendringen. De nacht werd verlicht door een heldere sterrenhemel en een volle maan en Miguels gezicht vertoonde een serene uitdrukking.

‘Afscheidsbrief? Check. Testament? Opgemaakt. Browsergeschiedenis? Verwijderd. Bankrekening? Gedoneerd. Aandenkens aan Victoria? Verbrand.’

Miguel keek naar links en zag niemand en niets behalve een schijnbaar eindeloze kustlijn, rechts staken de kliffen hoog uit boven het wateroppervlak, een verlaten vuurtoren erbovenop. Hij trok zijn T-shirt uit en was bezig zijn broek te ontknopen maar bedacht zich; ‘een droge broek heb ik niet meer nodig,’ en was blij dat zijn nieuwsgierigheid naar zwemmen met kleren bevredigd zou worden. Hij glimlachte en knikte tevreden zijn hoofd terwijl hij langzaam door zijn neus in en uit ademde. Hij stapte in zee en moest lachen om zijn rillingen en kiekenvel; ‘komaan, gewoon gaan, 3…2…1…’ Hij dook een golf in en begon te zwemmen.

Hij zwom weg van de kustlijn en leek naar de maan toe te zwemmen die uit de zee opsteeg. ‘Na weken planning is ‘t eindelijk zo ver,’ hij riep ‘hoera!’ en schaterlachte. De kou trok snel weg uit zijn lichaam en terwijl hij verder zwom koesterde hij de lichte paranoia die vele fans van horrorfilms kennen, namelijk aangevallen te worden door een haai, ”t Zou mij gemakkelijk zijn.’ Het zou nog lang duren vooraleer hij niet verder kon, ‘armbeweging… beenbeweging… armbeweging … beenbeweging…’

Hij dacht aan zijn klasgenoten, ‘gelukkig moet dat ik die onnozelaars niet terugzien.’ Miguel had nooit vrienden gehad en er nooit naar verlangd, met één jongen stond hij op vriendelijke voet maar Miguel trok enkel met hem op om iemand te hebben om groepswerken mee te maken. Buiten zijn vader en moeder was Victoria de enige geweest die hij had liefgehad; ze was Miguels eerste en enigste liefje geweest; hij schreef haar gedichten, kocht haar juwelen en bloemen en zij ontnam hem zijn maagdelijkheid. De relatie had acht maand standgehouden tot zij hem verliet voor iemand minder complex. Hij zwom verder zonder om te kijken.

Miguel versnelde zijn tempo. Hij had een goede conditie, zoals alle “voladores” – acrobaten die een paal van vijftig meter beklimmen en vervolgens met een touw rond hun middel in cirkels naar beneden slingeren. De voorbije weken had Miguel vaak gehoopt dat het touw zou knappen. ‘Blijven zwemmen tot ik erbij neerval.’ Miguel koos voor deze manier van zelfmoord omdat zijn vader de dood op zee had gevonden, niet doelbewust weliswaar, zijn vissersboot was gekapseisd. Miguel was echter nooit gestopt de zee lief te hebben maar koesterde tegelijkertijd een gezond respect voor La Mar. ‘Papa, ik ben onderweg’, en hij bleef zwemmen en staren naar de maan waarnaar hij leek toe te gaan. ‘Hopelijk is de verdrinkingsdood werkelijk pijnloos zoals wel eens beweerd wordt.’

Miguel dacht aan zijn moeder; ‘Mama, ik heb geprobeerd maar ik kan niet verder, ik wil niet! Gij zijt de enige reden waarvoor ik zolang heb uitgesteld, het spijt mij, het spijt mij dat ik u achterlaat, maar leven enkel en alleen voor een ander, dat is toch geen leven? Misschien zult ge Papa minder missen wanneer ik er niet meer ben, ge zegt toch altijd dat ik u herinner aan hem? ‘t Is beter zo, Mama.’ Het gelaat van zijn moeder spookte door zijn hoofd; hoe meer hij het beeld probeerde te verjagen, hoe krachtiger de gedachte worstel schoot. Miguel vocht tegen de tranen. ‘Mama, dit is mijn beslissing, iedereen heeft het recht te kiezen wanneer hij heengaat, ik heb er lang over nagedacht en mijn keuze staat vast. ‘t Kan mij niet schelen dat mensen het laf vinden, de makkelijke oplossing; zij beseffen de diepgang niet achter zo’n keuze. Ik weet dat ik u pijn doe, Mama, en het spijt mij. Maar de tijd gaat zo traag, de meeste dagen zijn een kwelling waarin ik aftel terug alleen te zijn op mijn kamer, liefde verandert onherroepelijk in pijn. Ik wil niet verder; ik weiger!’

Miguel zwom met wilde slagen die het water deden spetteren, hij was buiten adem en zijn spieren waren verzuurd. De wind raasde en leek de stem van zijn moeder met zich mee te brengen: ‘Mi hijo, mi hijo.’ Hij stopte en keek om, de kustlijn leek eindeloos en Miguel zag miljoenen lichtjes uit de ramen van huizen, van koplampen en straatverlichting; de enige donkere plek was de wand van de kliffen met de vuurtoren erbovenop. De golven krulde over Miguels hoofd en duwde hem onder water, wanneer hij bovenkwam spuwde hij zeewater uit en kuchte. De ene golf na de andere sloeg hem over het hoofd en hij had moeite boven water te blijven, tussen twee golven door hapte hij naar adem en hij slikte meer en meer zeewater in. ‘Het is zover’, zijn hart bonsde en hij voelde zich overmeesterd worden door angst. ‘Gewoon ophouden te bewegen’, maar telkens dat een golf hem onderduwde zwom hij paniekerig terug naar het oppervlak.

‘Sorry, Papa. Mama, ik zal ‘t nog een kans geven; ik zal een therapeut zoeken, zoals ge zegt, ik zal mij minder afzonderen en vrienden maken. Ik zal proberen gelukkig te zijn, dat ge u geen zorgen maakt over mij. En gij zult gelukkig zijn en ik zal mij geen zorgen maak over u.’ Miguel liet zich meevoeren met de golven richting te kustlijn, zijn spieren waren uitgeput en hij was teleurgesteld in zichzelf, maar voelde ook opluchting en een vreemde, nieuwe opgewektheid.

De golven voerden hem mee terug naar land, Miguel zag de kustlijn stilaan naderen terwijl hij vocht om zijn hoofd boven water te houden. Telkens wanneer een golf brak probeerde hij met zijn laatste krachten erop mee te zwemmen als een surfbord, naar de miljoenen lichtjes toe. De wind raasde nog steeds en Miguel bleef de stem van zijn moeder horen: ‘Mi hijo, mi hijo’. Miguel naderde de kustlijn, maar golven brachten hem echter niet naar waar zijn kleren lagen – de golven duwden hem richting de kliffen. Paniek overmeesterde Miguel opnieuw, met een laatste adrenalinestoot zwom hij in tegen de stroom maar de golven sleurden hem naar de kliffen.

Bij het ochtendgloren spoelde Miguels lichaam aan; zijn moeder riep nog steeds ‘Mi hijo’ met zijn T-shirt in haar handen.

geen reacties
0 Fictie

Rauwe pijn

Sahar Noor

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam