Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Schaduwmeisje.

Door hanneke van de kerkhof

Vandaag was ‘De Dag.’
Die ochtend had ze besloten dat het tijd was.
Haar nieuwe ik mocht er zijn.
Een rups ontpopt ook niet op een nacht.
Ze heeft er lang over gedaan.

Vandaag zou ze de wereld recht in de ogen kijken.
Haar schouder piept wat verlegen onder de wijde hals van haar jurkje vandaan.
Na wat gehannes hangen, de nu eens niet subtiele, oorbellen aan haar lellen.
Ze was een schaduwmeisje.

WAS.

Een oog lonkt met zwarte wimpers naar de spiegel.
De andere nog naakt en onschuldig.
Rode lippen, of is dat een stap te ver?
Nee, ze zal gehoord worden vandaag.
Ademloos aan haar lippen zullen ze hangen.

Tweede keuze.
De laatste in de rij.
Maar nu had ze honger.
Haar huid zinderde van ongeduld.

Te lang had ze genoegen genomen met wat een ander voor haar achter liet.
Ja, nu wist ze wat ze wilde.
En hij zou er zijn.
Vanavond.
Van haar.

Een tevreden glimlach naar de spiegel.
Tijd om te gaan.
Ze glom, schitterde, blonk.
De mooiste prooi van de avond.
Dat is toch wat hij moeten denken.

Haar blik zoekt tussen de silhouetten.
Ze scant de bar.
Nog niet.
Hij moet nog komen.
Voor een keer niet onzeker.

Aan de bar besteld ze een rode wijn.
Niks fancy, gewoon kwaliteit.
Ze weet dat de wijn hier goed is.
Zoveel liters zijn haar slokdarm gepasseerd.
Een onstilbare honger naar rood.

Al nippend in een hoekje,
heeft ze avonden lang het mannelijk schoon bekeken.
Beviel haar een exemplaar was een ander er mee weg.
Te schuw en onopvallend.
Wie zat er op haar te wachten.

Daar is HIJ.
Ze recht haar rug.
Twee donkere ogen loeren over het randje van haar glas.
Ze bijt op haar lip.
Al haar zintuigen staan op scherp.
Een roofdier klaar om te springen.

Omringt door vrouwen allerlei pluimage,
loopt hij naar de bar.
Naast haar buigt hij zich voorover om zich verstaanbaar te maken.
EEN RODE WIJN, roept hij.
Een rilling loopt over haar rug.

Hij ziet er heerlijk uit.
Zijn krullen dansen speels voor zijn ogen.
Onweerstaanbaar.
Ze likt snel langs haar onderlip.
Hij ruikt naar natte aarde.

Met zijn glas wijn loopt hij richting een tafeltje waar vrienden op hem wachten.
Het gekir en gedraai is zeer storend.
Vind ze.
Maar hij lijkt ze niet te zien.
Haar concurrenten.
Maar niet vanavond.

Met zijn rug naar haar toe,
ziet ze zijn gezicht in de spiegel aan de muur.
Zijn lippen bewegen.
Ogen lachen.
Zijn handen gebaren wild.
Enthousiast.
Zij is gefocust.
Geen seconde verliest ze hem uit het oog.

Dan blijft zijn blik hangen.
In de spiegel.
Kijkt hij haar recht aan.
Ze knippert even.
Niet opgeven nu.
Ze kijkt strak in zijn ogen.
Groen.
Haar benen trillen.
Haar blik krachtig.

Ze roept hem.
In gedachte.
Even lijkt het te mislukken.
Zijn blik weggedraaid.
Van haar.

Snel neemt ze een grote slok.
Rood.
Haar blik zuigt zich vast.
Oh wat zou ze graag…
Focus!

Hij draait zich om.
Ogen kijken recht in die van haar.
Hij staat op zonder te knipperen.
Loopt naar de bar.
Naar haar.
Naast haar.
Besteld een rode wijn.

Ze zucht.
Slaat haar ogen neer.
Alle energie loopt weg.
Een zachte druk op haar arm.
Zijn hand.
Een glas dat hij voor haar omhoog houd.
Een meisjesachtige giechel ontsnapt.

Hij stelt vragen.
Een diepe stem.
Ze legt een vinger op zijn lippen .
Een dwingende hand duwt hem richting de deur.
Geen tijd te verliezen.
De nacht heeft haar jeugd verloren.

Nog even en de dag zal gaan gloren.
Ze heeft honger.
Hij laat zich gewillig leiden.
Haar hand glijdt over zijn rug.
Spieren spannen zich aan.

Niet bij haar thuis.
Zoveel tijd heeft ze niet.
Het park is mooi genoeg.
De koele lucht.
Vochtig gras.
Hij kan er tegen.

Een vrouw die weet wat ze wil.
Hij lijkt het zeer te appreciëren.
Waar was zij toch al die tijd.
Zij kende hem al lang.
Met haar ogen.
Elk plekje was bekend.

Ze schuift haar jurk omhoog.
Roomwit glanzen haar benen.
Hij ligt onder haar.
Gewillig.
Laat zich bespelen.

Haar adem warm in zijn nek.
Gaat sneller en sneller.
Hij kreunt.
Nog even volhouden.
Zoet klinkt haar stem.

Hij legt zijn handen rond haar heupen.
Wil sturen.
Vastberaden legt zij ze op haar borsten.
Haar scenario.
Haar avond.

Als de maan bijna is verdwenen.
Likt ze langs zijn hals.
Daar waar het klopt.
En bijt.
Bijt zich vast.
Hij gilt.
Van genot.

Vogeltjes beginnen voorzichtig hun ochtendlied.
Zij veegt langs haar lippen.
Sleurt hem in de bosjes.
En gaat naar huis.
Voldaan.

Ze is ontmaagd.
Haar eerste zelf gevangen man.
Smaakt naar meer.
Veel meer.

Hanneke van de Kerkhof

geen reacties
0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam

1 Fictie

Hol

Gerardus J. Visch