Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Informatie & spelregels

Sluiten

Vlees met spruitjes

Door Catharina Lautenbach

Vlees met spruitjes

Papa zat aan het hoofd van de tafel. Op zijn bord lag een grote lap vlees met een vetrandje. Zijn happen wisselden in vaste volgorde – holle vork: hapje aardappelen, bolle vork: spruitje, mes en vork: stuk vlees. Mama at trager en hield een schuin oog op Edwin, die links van haar zat.

Hij probeerde zich zoveel mogelijk op zijn eigen eten te concentreren, maar kon niet verhinderen dat zijn ogen naar Edwins bord aan de overkant van de tafel afdwaalden. Het stukje vlees daar was inmiddels verdwenen, maar de berg spruitjes bleef vrijwel onaangetast. Heel af en toe prikte Edwin een op, propte hem snel naar binnen, stouwde er een hap aardappelen achter aan, kauwde tot een en ander tot aanvaardbare proporties was geslonken en slikte het geheel moeizaam weg, waarbij zijn keel een forse ‘klok’ produceerde.

Er was een bijna zwijgende scène aan vooraf gegaan. Edwin die drie spruiten opschepte. Papa die hem beval meer te nemen. Edwin die twee extra op zijn bord legde. Papa die de opscheplepel uit zijn hand rukte en drie volle transporten van dekschaal naar bord verzorgde.

Het leek papa nu niet op te vallen hoe zijn broertje zat te knoeien. Edwin begon de spruiten in hele kleine stukjes te snijden en fijn te prakken. Een vieze groene smurrie drong tussen de tanden van de vork en verspreidde een zware, weeïge lucht. Mama’s ogenseinden, maar Edwin bleef de spruiten toe takelen, zij het in iets langzamer tempo. Plotseling steeg een bluppend sopgeluid uit de derrie op. Papa hief zijn hoofd en keek.

‘Houd daarmee op Edwin.’

Zijn stem was scherp als het mes in zijn hand.

Prompt legde Edwin zijn vork op het tafelkleed en vouwde zijn handen demonstratief in zijn schoot, rechtte zijn rug en leunde achterover tegen de houten leuning van zijn stoel. Hij staarde naar een plek vijftien centimeter boven zijn bord.

‘Ik geloof dat hij gevoerd wil worden,’ zei papa en keek naar mama aan de overkant van de tafel.

Mama’s ogen flitsten van Edwins stuurse gezicht naar papa’s vertrokken mond en weer terug.

‘Hij is net ziek geweest, Jan. Misschien voelt hij zich nog niet helemaal in orde, of niet Edwin.’

‘Als hij zijn vlees op kan eten, dan ook zijn aardappelen en groente. Wordt hij beter van.’

Papa hervatte: holle, bolle, mes en vork. Bijna smekend gebaarde mama Edwin dat hij door moest eten. Hij keek haar uitdrukkingsloos aan. Over zijn ogen lag een donker waas, dat weinig verraadde maar het nodige voorspelde.

Mama at zo langzaam dat er geen einde aan leek te komen, maar eindelijk was ook zij klaar. Edwin zat nog steeds onbeweeglijk recht, stram als een pop, zijn handen in zijn schoot. Hij keek weer naar dat onzichtbare iets, midden op tafel.

‘Kom, ik zal je helpen,’ zei papa. Hij schoof naar voren en reikte over de hoek van de tafel naar Edwins vork. Het zilveren heft tikte tegen zijn trouwring. Hij schepte fijngeprakte spruitjes en het groene heuveltje zweefde naar Edwins mond. Daar hield het halt.

‘Open,’ commandeerde papa.

Edwin klemde zijn lippen stijf op elkaar. Papa bracht de vork nog dichterbij en tikte tegen de gesloten mond.

‘Doe open Edwin.’

Pàts.

Met een korte, felle klap sloeg Edwin de vork van zich af. Door de onverwachte beweging schoot papa’s hand terug. De spruitjesdrap keerde zich als een boemerang tegen hem en belandde gedeeltelijk op zijn bril en deels op zijn voorhoofd. Nog voordat papa zich realiseerde wat er gebeurde, sprong Edwin op, rende de eetkamer uit, de trap op naar boven en verschanste zich in de voorkamer, de enige die – naast de slaapkamer van papa en mama – op slot kon.

Zelf zat hij trillend op zijn stoel, in angstige afwachting van wat volgen zou. Edwin had beter naar buiten kunnen rennen. De benen nemen en zich een week niet laten zien. Nu zou papa hem verrot slaan.

Het bleef opvallend stil aan de kop van de tafel en hij keek voorzichtig vanuit zijn ooghoeken. Papa bewoog traag, zette zijn bril af en veegde met een servet de smurrie van zijn voorhoofd. Hij vergat zijn neus, waar fijngeprakte stukjes spruit met zijn ademhaling op en neer gingen. Het duurde even voordat hij besefte dat papa’s schouders schokten. Toen sloeg papa zijn handen voor zijn gezicht.Zenuwachtig gebarend zei mama : ‘Ga naar boven Rob.’

Hij stond snel op. In de deuropening, half op de gang, hoorde hij vreemd bekende geluiden. Hij durfde niet om te kijken en rende met twee treden tegelijk de trap op. Op de overloop bleef hij staan. Zijn hart klopte in zijn keel.

‘Rob, Rob, ben jij dat?’ fluisterde Edwin door het sleutelgat.

‘Ja.’

‘Komt papa er aan?’

‘Nee, ik weet het niet, ik denk van niet.’

‘Niet? Wat doet hij dan? Wat zei hij?’

Edwins stem klonk angstig en dwingend tegelijk.

‘Hij zei niets. Ik geloof dat hij huilde.’

Er viel een stilte aan de andere kant van de deur. Hij kon het zelf nauwelijks geloven. Huilde papa? Dat kon toch niet. Misschien had hij het verkeerd gezien. Het sleutelgat verduisterde. Geluid van metaal op metaal. Edwins bleke gezicht verscheen in de kier van de deur.

‘Húilde hij?’

‘Ja… nee… ik weet het niet zeker,’ zei hij verward.

‘Zag je tranen?’

‘Nee.’

‘Dan huilde hij niet.’

Edwins ongerustheid maakte plaats voor de zo bekende, onverzettelijke hardheid.

‘Zijn schouders schokten,’ hield hij vol. ‘Het léék op huilen.’

Ze zwegen en luisterden samen naar mogelijke geluiden van beneden. Maar het was dood- en doodstil, geen plank kraakte, geen stem klonk, zelfs de muren leken de adem in te houden. Het was onnatuurlijk stil – als in het oog van een orkaan.

2 reacties

Inge

zondag, 16:37

Knap geschreven, ik word meteen meegenomen in het verhaal…
Ik zie het voor me…. en ik ‘hoor’ de stilte(s) en ruik de spruitjes….
En ik heb zin om verder te lezen!
Het is intrigerend.
Ik wil nog zoveel meer weten….

Monique

maandag, 17:04

Goede opbouw, herkenbaar, ik zag het voor me….die spruitjes prakken…..knap dat iemand dit zo beeldend kan overbrengen. En einde is verrassend….namelijk we weten nog niet of papa nu huilde of lachte en wat papa gaat doen

0 Fictie

Rauwe pijn

Sahar Noor

0 Non-fictie

IKEA

Dario Goldbach

0 Non-fictie

De Ijsfabriek

Nora van Arkel

0 Fictie

Weerzien

Peter Roling

8 Fictie

OP DRIFT

jes de Kam