Debutantenschrijfwedstrijd

voor alle schrijvers in spe

Meer weten?

Sluiten

Vliegende Storm

Door Harmen Meijer

De piloot zet de landing in. Het vliegtuig schokt en schudt als een houten kar zonder vering op een weg vol met gaten. De veiligheidsgordel drukt pijnlijk op zijn gekneusde schouder. De regen striemt over de ruiten van de cockpit. Beide ruitenwissers verdrinken in de hoeveelheid water die op het vliegtuig valt. De lichten van de landingsbaan zijn ternauwernood zichtbaar.
De vlucht van de Dash 8 Q400 was veelbelovend begonnen. Het opstijgen van Sumburgh en de tussenlanding in Edinburgh waren zonder problemen gegaan. Weinig wind en een strak blauwe lucht. Maar boven de Noordzee verslechtert het weer. Donkere wolken met stormkoppen pakken zich samen. In korte tijd slokken ze kleine vliegtuig op en stuwen het voort.
“Please fasten your seatbelts, maak uw veiligheidsriemen vast”, klinkt het door het toestel. De copiloot zit op het toilet en hoort het bericht. Hij loopt snel terug naar de cockpit. Net als hij de deur open doet, zakt het toestel weg door een hevige valwind. De copiloot smakt met zijn hoofd tegen het plafond. De piloot krijgt het toestel weer onder controle en kijkt om. De copiloot ligt, met een bebloed hoofd, te kreunen op de grond.
Snel zet de piloot het toestel op de automatische piloot. Hij maakt zijn gordel los en met moeite tilt hij de gewonde copiloot in zijn stoel en zet hem stevig vast in zijn gordel. Het toestel bonkt en schudt, maar houdt koers. Terwijl de piloot terug stapt naar zijn eigen stoel komt er weer een windstoot. Zijn schouder dreunt tegen een zijwand en hij schreeuwt het uit. Met een van pijn vetrokken gezicht gaat hij in zijn stoel zitten en met moeite weet hij zijn gordel vast te maken.
Plichtmatig controleert hij de koers en de hoogte van het toestel. De koers is goed, door de stormwind hebben ze tien minuten voorsprong op de planning. Maar de hoogte? Die is veel te laag. Het toestel wordt door de rugwinden omlaag gedrukt. De piloot stelt het hoogteroer bij en volgens de meters stijgt het toestel langzaam.
De rukwinden rammelen het toestel heftig door elkaar. De piloot stuurt een noodbericht aan Schiphol. Het antwoord komt met veel gekraak binnen. “Oostbaan vrijgehouden voor u. Volg ons radarspoor. Door de zware storm geen automatische landing mogelijk”.
Als de piloot dat hoort staat het huilen hem nader dan het lachen. Een bewusteloze copiloot, een vliegende storm en een gekneusde schouder. En dan ook nog zelf de landing doen. Dat wordt lastig, de Oostbaan ligt schuin dwars op de noordwester storm.
Via de intercom vertelt hij de passagiers wat de stand van zaken is. “Bid om kracht en inzicht”, vraagt hij en zet de intercom uit.
Hij vouwt zijn handen en spreekt een kort gebed. “Vader in de hemel, help mij om mijn passagiers veilig thuis te brengen. Amen.”
Opnieuw controleert hij de koers en de hoogte. Het toestel ligt nu op 1500 voet. Erg laag, maar hoger krijgt hij het toestel niet. De koers is goed en ze zijn net boven land gekomen. Bij elke windstoot schokt het toestel en dan schiet er een verlammende pijn vanuit zijn schouder.
Nog even volhouden, zegt hij tegen zichzelf. En zo bereidt hij de landing voor.
Hoogtemeter O.K.
Radarkoers volgen O.K.
“U kunt met de landing beginnen, de baan is vrij”, klinkt het krakend door de radio. “Uw koers is goed en probeer hoogte te houden.”
Maar het zicht is slecht door die hevige regen. En de baan ligt dwars op de wind. De piloot zucht diep. Dan ziet hij de schijnwerpers. Ze boren zich door de dichte regen. Hij laat het toestel verder zakken. Is dat de echt landingsbaan? De hoogte mindert snel. Nu hij op de landingsbaan aanvliegt krijgt het toestel te maken met de stormwind schuin van voren. Hij draait het toestel met de neus in de wind en komt schuin op de landingsbaan af. Dan klaart de lucht even op. Daar is de landingsbaan. Het lijkt wel een glimmende plas water. Een rukwind trekt het toestel uit de koers. Met een pijn verbeten gezicht trekt de piloot het toestel weer richting landingsbaan. Vlak boven het begin van de baan laat hij het toestel zakken en draait het tegelijkertijd recht op de landingsbaan. De wielen raken het asfalt. Remmen aan. Hij hoort ze gieren. Dan komt er een hele zware rukwind. Het toestel wordt aan één vleugel opgetild en weer neergesmakt. Het landingsgestel breekt af. Met een heftige vonkenregen schuift het toestel over de baan en komt al glijdend in het weiland naast de baan tot stilstand. De vleugelpunt steekt in het gras. De stromende regen dooft elke vonk.
De pijn vlamt door zijn schouder en langzaam zakt de piloot weg in een zwarte mist.

Door Harmen Meijer
op 23 februari 2017, geïnspireerd door FlyBe en een noordwester storm.

geen reacties
0 Fictie

Hap

Anje Gnodde

0 Non-fictie

Een plekje

piet struyf

0 Poetry slam

Verhuizen

Frans Smolders

0 Fictie

plein

Marijke Jasperse

0 Poetry slam

Iets Paars

Desta Matla